is toegevoegd aan uw favorieten.

Historische democratie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oorlog als secundair te zien, als middel van de staatkunde. Te spreken van „Vrede door Recht"; de oorlog te willen uitbannen door rechtsspraak; is zoowel een miskenning van het karakter van den oorlog als van het karakter van het recht. Het recht kan in bestaande geschillen, naar de normen van het recht een uitspraak doen, die van de hoogste beteekenis kan zijn indien de onbevangenheid der rechters boven elke verdenking staat, doch zoolang de levenskwesties der volken, hun recht op expansie bij toenemenden groei, hun plicht tot beperking en tot gebiedsafstand bij verminderde levenskracht, niet

onder rechtsformule kunnen worden gebracht en is

dit eigenlijk niet onmogelijk, iets dat door het recht, naar zijn wezen, niet kan worden omvat? — zoolang zal de staatkunde de verhouding der volken moeten regelen. Welke grond zou er mogen bestaan thans te fixeeren, wat in den loop der tijden aan voortdurende verandering onderhevig is geweest?

Men kan, zoo men in formules wil spreken, van een „Vrede door Staatkunde" spreken. Het geloof daarin berust op de mogelijkheid dat de staatkunde, onderkennende waar spanningen bestaan, inziet welke toestand weer evenwicht kan brengen en naar dien toestand gaat streven. De staatkunde moet dan trachten, wat door oorlog bereikt zou moeten worden, door niet-militaire middelen te bereiken. Noodig is daartoe echter dat werkelijke staatkunde worde gewaardeerd en weder op de plaats worde gezet, waar zij behoort. Thans wordt de staatkunde teveel vereenzelvigd met diplomatie, die niet meer dan het instrument der staatkunde is, en wordt de staatkunde — en hier gaat het vooral om buitenlandsche staatkunde —dikwijls, vooral in Nederland, aan beroepsdiplomaten toevertrouwd, die toch uit hoofde van hun beroep geen waarborg bieden dat zij ook tot het eigenlijke staatkundige werk, zoo scheppend als constructief, in staat zijn. Het gaat hier niet „om de