is toegevoegd aan je favorieten.

Twaalf vertellingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

macht, waarvoor hij geen naam wil weten. — Z'n kind ? Leven van z'n leven, alles in één voor hem, meer dan Emma hem ooit was. Omdat hij het beste van zich zelf herboren zag in Hanneke ? Z'n geest ? Of dat betere nog : z'n eigen kind-zijn en z'n moeder meteen, z'n lieve vrome moeder, met wie z'n jeugd stierf, zoo lang geleden al...

Na Neeltje is Leo ook weer de blanke kamer binnengekomen, en achteraf blijft hij staan, schuw bijna, de schaduw van zichzelf. Terwijl Neeltje op Emma's wenk schuchter wat nadertreedt, donker, dor en schamel midden in al dit stralen van wit en lentekleuren.

,,Hier is Neeltje nu — zie je wel, schat ?" prevelt Emma, zich diep over het bedje buigend.

Hannekes oogen glanzen open. „Zingen", zegt ze mat.

„Zingen ?" huivert Neeltje terug, ontzetting in den blik, die aanstonds ziet, dat de hand van den dood reeds over dit veeg verwaasd kindergelaat heeft gestreken.

„Ja, dat liedje, Neeltje," bemoedigt Emma haar vol hoop.

„Van Jezus." Is 't alleen een glimlach of ook de stem van Hanneke ?

Neeltje zit nu op een punt van den stoel aan het