is toegevoegd aan uw favorieten.

Dorp aan de rivier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weg en wou niet hebben, dat de dokter op zijnen grond kwam jagen. Dat hinderde den dokter gruwelijk. Wacht maar. Een knal in de lucht, de herhaling van de vroolijke rateling. Wat is dat nou? De haas moet aangeschoten zijn, en nou loopt hij toch nog door. Maar hoe is zijn vlucht, hij is gemakkelijk te achtervolgen. Dokter van Taeke en Cis den Doove loopen door het land, de dokter op zijn hooge, bruine rijglaarzen, in een duffelsch jekkertje en het gleufhoedje op den rossigen kop, Cis den Doove met camassen om de beenen, in zijn schipperstrui en met zijn jas daar overheen. Cis draagt een geweer van den dokter met den riem over den schouder en hij heeft de weitasch. Hij kijkt nu, de hand boven de oogen, over den polder uit, de aangeschoten haas is een wei ingegaan. De jagers houden den haas goed in het oog. Zij springen over slooten. Zij loopen door het dorrende grasland. Zij klimmen den wegberm op. Zij loopen door de dorre, ritselende, afgevallen blaren, gaan den weg weer af, opnieuw het polderland in, kijk, daar moet de haas zijn gegaan. Een paard bij een hek staat hen nu droomend tegemoet getreden, den smallen kop recht naar hen toe, aan de hoeven van het paard ligt de haas. Hij spartelt. Er stuift zand onder hem op, en onder hem kleeft ook een beetje slijmerig bloed op het kort dorrend gras. Maar hij wordt in het gevaar beschermd door hetpaard.

Treft het dokter van Taeke? Kleine dingen kunnen