is toegevoegd aan uw favorieten.

Ole Tuft

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Spoedig was hy op de hoogte gebracht, waai' Kule woonde; in het huis vlak achter hen; in het park naast het gasthuis!

Dus dat gedeelte der erfenis was hem toegewezen en zoo moesten zy hem alle dagen hier zien ? Hy liep een poos rond ten einde meester over zichzelf te worden; maar zelfs nu hy, na een tydlang te hebben rondgestapt, voor het huis stond, kostte het hem nog de grootste inspanning zyne ontroering te beheerschen.

Een klein steenen huis van twee verdiepingen en een tuin daarvoor; in de gang hoorde hij een geluid als van schrobben uit de keuken komen en keek dus het eerst naar — de Nordlandsche Amazone met opgestroopte mouwen — onveranderd alsof hy haar gisteren had verlaten. Bij het opengaan der deur zag zij over haar schouder om en dadelijk herkende zij den rijzigen man met de brilleglazen, den krommen neus en de donkere wenkbrauwen ; zy glimlachte tegen hem en keerde zich geheel tot hem, toen zy met haar gewoon zangetje vroeg:

„Is u niet Kal-lem?"

„Ja."

„Ik hoorde gisteren dat u hier dokter was," zeide zij altijd lachende.

„Oude walvisch, je hebt het al lang geweten!" dacht hy, maar hij vroeg:

„Wanneer zijn jullie hier gekomen?"

„Wij zijn gisteren hier gekomen."

„Van Christiania?"

„Van Christiania; Kule heeft liet huis geërfd en het is hier goedkooper leven."

Een deur achter Kallem werd opengedaan; hy zag om. Voorzichtig stak een breedgeschouderde knaap, met slimme kleine oogen, die wantrouwend rondzagen, zyn hoofd 0111 het hoekje van de kamerdeur. Kallem sloot de gangdeur naar de keuken en nu kwam de andere ook geheel te voorschyn en deed de kamerdeur achter zich dicht; zoo stonden zy tegenover elkander. Maar do keukendeur werd nog even opengedaan en de Nordlandsche meid stak haar hoofd daarbuiten en grinnikte tegen den vierkanten knaap. Kallem vermoedde oen „zoet geheim".