Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

creboden van wassching op bepaalde tijden reeds lang verdwenen zijn, bleef toch de reinheid altijd nog in verdiende eer. Slechts aan' een zuinig beheer van de oude verdienste danken wij den tegenwoordigen rijkdom der beschaving. De ontwikkeling is evenzoo konservatief als revolutionair en vindt in iedere wet evenveel onrecht

als recht.

Weliswaar bespeuren de aan de plicht geloovenden verschil tusschen moreel en wettelijk recht ; maar hun geïnteresseerde vooringenomenheid laat hen niet tot het inzicht komen, dat iedere wet oorspronkelijk moreel was en iedere bepaalde moraal in den loop der ontwikkeling tot bloote wet afdaalt. Hun begrip bereikt andere tijden en andere klassen, alleen niet de eigen. In de wetten der Chineezen en I aplanders erkent men chineesche en laplandsche behoeften. Maar veel verhevener is het reglement van het burgerlijke leven! Onze tegenwoordige inrichtingen en moraalbegrippen zijn of eeuwige natuur- en verstandwaarheden of permanente orakelspreuken van een rein geweten. Alsof niet de barbaar ook een barbaarsch verstand, alsof niet de Turk een Turksch, de Hebreeër een Hebreeuwsch geweten zou hebben; alsof zich de mensch naar het geweten zou kunnen richten, terwijl toch omgekeerd het geweten zich naar den mensch richt!

Wie de bestemming van den mensch beperkt tot het God-hei hebben

en dienen, om naderhand eeuwig zalig te worden, mag de overgeleverde voorschriften van zijn moraal geloovig als autoriteit erkennen en daarnaar wandelen. Voor wien daarentegen de ontwikkeling, de vorming, de aardsche zaligheid van den mensch doel », hij za de vraacr naar het bewijsstuk van deze superioriteit in het geheel niet ïjdel vinden." Het bewustzijn van individueele vrijheid verschaft ons eerst de tot den onversaagden vooruitgang noodige meedoogenloosheid tegenover andermans regel, verlost ons van het streven naar een denkbeeldig ideaal, naar een betere wereld in het algemeen en geeft ons aan de bepaalde praktische belangen van onzen tijd of individualiteit terug. Tegelijk echter verzoent het ons met de bestaande werkelijke wereld, die wij niet meer beschouwen als een mislukte realisatie van dat, wat zijn moest, maar als regeling van wat zijn kan. De wereld is altijd goed. Wat is, moet zijn en moet niet eerder anders zijn voor het anders wordt. Waar de werkelijkheid, de macht is is per se ook het recht. d. w. z. de formuleer,ng van het rechtvaardige. Voor de machteloosheid blijft in werkel.jkhe.d geen ander recht dan eerst naar de overmacht te streven, en dan aan haar behoefte de geweigerde erkenning te verschaffen. Lvenals ons het begrip der geschiedenis de godsdiensten, zeden, instellingen en beschouwingen van het verleden niet slechts van de negatieve, be-

Sluiten