Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Deventer. (Cameraarsrek. van Deventer, uitg. door Van Doorninck, De Hullu en Acquoy).

I «. .

! <u ~ c

Der stad tvnse . . ... ™ . , ■ ■'■oü

. „T , Der stad tnnse Totaal der s _ 5

to Noerden- _ . r ... 513 S

. , ton Brincke. 1 tijnsen. > « o

berghe. J

I -

1

1337 24 «10 0 6 J 2,3 °/(

1339 28 17 6 0,9

1344 20<ffil8;S6<J 36«50 57 3 6 1,4

1345 33 16 6 55 18 4 6 89 14 10 2

1347 42 6 — 86 8 4 128 14 4 l) 2,4

1348 57 8 3 94 11 4 151 19 4 ') 2,1

1353 50 14 6 74 11 4 125 5 10 3,1

1354 56 18 8 70 13 4 127 12 2,5

1355 47 4— 73 4 4 120 8 4 2,9

1356 48 4— 70 4— 118 8 2,5

1357 49 3 4 70 6 — 119 9 4 2,8

1358 48 ? ? 72 4 4 120 4 4 2,3

1359 49 4— 72 14 4 121 18 4 2,8

1360 45 5— 74 13 4 119 18 4 3,7

1361 48 16 73 14 4 112 10 4 2,6

1362 17 6 8 73 13 4 91 2,2

1363 41 8-') 68 8 4 109 16 4 2,1

1364 44 8— 65 6 4 109 14 4 2,4

1365 45 8 67 10 4 112 18 4 3) 2,3

1366 45 8 71 10 4 116 18 4 2,5

1368 48 4 70 2 4 116 6 4 1,9

1369 56 4 70 2 4 116 6 4 1,3

1371 46 4 68 2 4 114 6 4 1,6

1372 69 1 3 94 2 10 163 4 1 ') 2,2

1373 54 2— 78 8 4 132 10 4 1,9

1374 54 2— 78 8 4 132 10 4 1,3

1376 54 2— 78 8 4 132 10 4 1,2

1377 54 2— 77 8 4 131 10 4 1,9

1379 54 2— 78 — 4 132 2 4 1,4

1380 53 6— 78 — 4 131 6 4 1,2

1381 55 7 — I 78 ~ 4 142 17 4 2

( 9 10 5)

1) Hierbij behooren eigenlijk nog respect. 12 'li' en 12 "B 6 (3 „de dornibus extra Zantpoerte", gebouwd 1344 (I, blz. 165 vlg.), die anders onder de tijnsen „to Noerdenbérghe" gerekend worden.

2) Afzonderlijk genoemd in de volgende jaren de opbrengst van de zeven „molensteden buten Noerdenberghe poerte", tot op dit jaar onder de Noorderberger tijnsen gerekend.

3) In dit jaar voor het eerst de tijns van „Keppelre hofstede", in 1363 gekocht. Deze staat onder een eigen hoofd en is er hier niet bijgeteld. Trouwens de opbrengst is altijd (behalve in 1372) derhalve nl.21 'tl'5/2.

4) Over de verhooging der pachten in dat jaar, zie hierboven blz. 27.

5) Nieuwe erven: „tynse in der steghen achter des Bisschops hues."

Noordenberg en De Brink waren de beide wijken, waarin de stad verdeeld was. Men merkt hier op geringe stijging van de opbrengst, absoluut genomen, daling in betrekking tot het geheel der stadsinkomsten. De posten zijn samengesteld uit de opbrengst van erven en schuren, van bogen (hierover: Inleiding blz. LYI), torens, raamsteden en huisjes. Het aantal

Sluiten