Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heid der rechtsnormen zou moeten voorafgaan. Zóó droomt de rechtsgedachte in den geest van achterlijke of eenzijdig ontwikkelde rechtsseparatisten, en dringt tot verontschuldiging voor hun aan de geldende rechtsorde vijandige daden; zöö wijdt ze somtijds ook verzet tegen het geldend recht tot gewetensplicht, wier vervulling slechts bewondering afdwingt. Als grondslag evenwel der positieve rechtsorde gesteld, zou ze het rechtsleven maken tot anarchie. Was de leer der staatssouvereiniteit doodend voor het recht, die der rechts souvereiniteit is doodend voor den staat.

Ik zou de litteratuur onrecht doen, liet ik aan de gegeven schets der beide hoofdstroomingen de vermelding ontbreken van de talrijke pogingen, evenwicht tusschen het rechts- en staatsbegrip, verzoening tusschen de rechts- en de machtsgedachte te brengen, door beide als primair en gelijkwaardig naast elkander te stellen, of in wederkeerige afhankelijkheid, hunne ontwikkeling te beproeven. Dat meer dan eene dier pogingen slechts door eene inconsequentie een der beide uitersten vermijdt, kan ik hier niet meer dan stellen, evenals de ongenoegzaamheid, door eene machtspreuk het vraagstuk op te lossen. „Kein Staat ohne Recht, kein Recht ohne Staat"; „Das Recht ist dem Staate ebenbürtig. Es ist so wenig vom Staate, wie der Staat vom Rechte gezeugt". „Staat und Recht sind Wechselbegrifïfe". Deze en diergelijke spreuken kunnen juist zijn, het verlangde inzicht geven ze ons niet. Mijnerzijds thans eene bescheiden poging, de richting, waarin de oplossing moet worden gezocht, aan te duiden.

Sluiten