Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van het Nederlandsche volk, en de goede Amsterdamsche burgerij eenmaal die straat zullen noemen. Me dunkt ik hoor 't al : N. N. woont heel aan 't eind van de B. T. 189 O.

Doch het is toch aangenaam gelietde en gevierde namen aan dc hoeken der straten te lezen. Het wekt soms een herinnering, waarmede we een half uur loopens, te midden van al het gewoel, doorbrengen, zonder veel van wat ons omgeeft te merken of er eenigen last van te hebben. Mevrouw BosboomToussaint heeft ons een wereld leeren kennen, die schoon .s en rijk en belangwekkend, en die onbeschrijfelijk boeit, eene wereld die ons de tegenwoordige wereld beter leert begrijpen en, in vele opzichten althans, ook leert waardeeren. Al had men op den 16en een trein met goud beladen naar den Haag laten stoomen, het kunstlievend Nederland zou de gevierde schrijfster nog niet vergolden hebben, wat het van haar heeft

ontvangen. , ,

En dit is, geloof ik, ook een van de ijdelheden dezer wereld;

dat de voortreffelijkste zaken het slechtst betaald worden. Dikwerf, als ik vader Vondel, in het naar hem genoemde park, wel hoog maar niet droog, op zijn stoel zie zitten, komt de gedachte in mij op: hadden de rijke Amsterdammers u, bij uw leven, een wat makkelijker stoel geschonken dan in den Lommert uw deel was, zij zouden door u wel te doen, zich zeiven meer geëerd hebben. Bilderdijk heeft honger geleden, naar men zegt, en da Costa heeft het woord „geldnood" ook in zijn smartelijke beteekenis leeren kennen.

Het dankbaar nageslacht eert echter die mannen, geeit hun een standbeeld of noemt een straat naar hun naam. Dit is misschien nog het goedkoopst. Het is eene uitgave voor eens en — ais ieder wat doet loopt het niet te hoog.

Er is een hongerlijden in de wereld dat afstootend, dat dierlijk is, zou ik bijna zeggen. Maar er is ook een hongerlijden dat een gewijd karakter heeft, dat eene verzoeking is, die het geestelijke leven tot hooger ontwikkeling brengt, dat ons denken doet aan de verzoeking des Heeren in ae woestyn en aan het woord : Jezus vol zijnde des Heiligen Geestes. En ik geloof dat God velen, die groot zijn, klein gemaakt heett,

opdat ze groot zouden worden. ....

Z. M. onze geëerbiedigde Koning is 11. Zondag in de residentie

Sluiten