Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de oorzaken van het oproer. Vrij algemeen houdt men het voor een plan van socialistische zijde ontworpen, tot uitvoering waarvan het palingtrekken als aanleiding dienen moest.

Wij, gewone inenschen, weten natuurlijk het fijne van de zaak niet en praten na, hetgeen wij in de couranten lezen. Wij weten alleen, dat er onder de ruwe massa's een harbaarsche haat tegen de politie heerscht. De reden voor dien haat is moeilijk te zeggen. Maar wel is het duidelijk, dat de socialistische opruiers op dien haat speculeeren en hem geweldig aanblazen.

De diepste grond zal zijn de afkeer, die de menschen in onze dagen hebben van alle gezag. Het is de zonde der beschaafden die de barbaren boeten. Mijnheer lacht om God, hemel en hel, om allen en alles wat boven hem is; is het wonder dat de knecht lacht om mijnheer, en beweert dat mijnheer en de heele boel, voor zijn part verrekken kan ?

De beschaafden vleien zich nu met de gedachte, dat het volk zulk een gevoelige les heeft gehad, dat het niet spoedig weêr zal beginnen. Het is te hopen, dat zij gelijk hebben. Zoolang echter de beginselen, die onzen tijd beheerschen, voortgaan zich te ontwikkelen ; zoolang de beschaafden het volk voorgaan in goddeloosheid en lichtzinnigheid ; zoolang de volksopvoeding zonder godsdienst is, de kerk veracht, de z.g. clericalen als de grootste vijanden der Maatschappij op de kaak gesteld worden ; zoolang wezenlijke hervorming, op allerlei gebied, wordt tegengestaan, de ooren gesloten blijven voor de waarheden, die ook door het socialisme geroemd en misbruikt worden; voor de billijkste klachten der minderbedeelden in de samenleving ; zoolang men menschen exploiteerten aan duizenden de Zondagsrust ontzegt om grootere dividenden aan aandeelhouders te verschaffen ; zoolang men voortgaat, God niet te vreezen en geen menschen te ontzien, zoolang de strijd der partijen en der standen, de algemeene ontevredenheid en de verbittering niet wijken, zal het vuur onder de bodem die ons draagt, niet uitgebluscht worden, en is het te vreezen, dat hetgeen we nu beleefd hebben een voorspel is van de dingen, die nog komen kunnen.

Dat is al weder pessimistisch zult ge zeggen.

Nu ja, het is zoo! Maar is er geen oorzaak? WasJeremia ook niet pessimistisch ? O, als er eenig teeken van berouw, eenige schuldbelijdenis te bekennen ware, zou er meer hoop

Sluiten