Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.

Het is goed dat de waterkoopman geraadpleegd is. Zonder dezen waterdrager zouden wij den grooten weg gevolgd hebben. Het leger daarentegen is bij deze ingezonken kleiboopen van den weg afgeweken en dwars door de landen verder getrokken.

Dat is liet ellendige van die modder- of kleihuizen '). Bij de minste beschadiging of verwaarloozing verdwijnen zij spoorloos, en doen zoo Deborah's 2) bewering: „De dorpen hielden op-', in letterlijke vervulling treden. Dan zakken de wanden uit, dan storten de daken in, en na enkele regenseizoenen kan niets meer doen vermoeden dat er een huis gestaan heeft, tenzij — gelijk hier — scherven of huisraad gevonden worden in den golvenden kleibodem. Hoe vaak verdwijnen zoo geheele dorpen!

Wij moeten nu dus de landen in. Geen gemakkelijke weg, al mag het een kortere zijn. En zie nu eens, welke verwoestingen 3) de oorlog aanricht , en welk een verwaarloozing zij veroorzaakt. Leeuwen, beren en wolven kunnen zich herhaaldelijk te goed doen aan dieren, die door gevluchte herders aan ltun lot zijn overgelaten, wetende, dat nu toch niemand hun een eed of een getuigenbewijs zal vergen4) van hun onschuld aan het verliezen van huns meesters vee. Herdershonden 5) sterven nu reutelend aan onverdiende wonden of zwerven verwilderd als roofgedierte rond. Schapen en runderen, bokken, rammen, geiten, zijn in de met steenen muren

1) Job 4 : 19 als beeld hieraan ontleend Ezechiël 13 : 10—15.

2) Richt eren 5 : 7.

3) 2 Koningen 3 : 15.

4) Exodus 22 : 9—15; Genesis 31; 1 Samuel 17.

5) Job 30 : 1.

Sluiten