Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ger liefde de zijnen zou beminnen; zoodat zulk een verlies gewin is. 0, mocht het ons vergund zijn het geluk te smaken, na in eigen persoon de voeten uwer Heiligheid te hebben gekust, onze belangen te kunnen voorstellen! en met eigen oogen de gelaatstrekken, ja de toegenegenheid te aanschouwen van Hem, die ons als kinderen (met zijne liefde) omvat, en tot wien wij, burgers van Amsterdam,

aan den Apostolischen stoel tot den dood toe verknocht

met kinderlijk vertrouwen onze toevlucht nemen."

Vervolgens, eer ze nader hun gevoelen uitspreken over Neercassel's handelwijze jegens pater van Winterswijck in den Krijtberg, Joannes Letten op de Verwersgracht en Hendrik van Alkemade in de Zaaierskerk, uiten zij zich aldus: „Woorden zijn overbodig om aan te toonen, wat een volhardenden ijver de Societeit van Jezus besteed heeft aan deze stad gedurende de vervolgingen, wat een naastenliefde zij aan den dag heeft gelegd jegens de pestlijders, hoe nuttig en noodzakelijk zij altijd geweest is uithoofde hare leer en zeden, niet slechts voor ons, maar voor geheel Holland en voor de Kerk aldaar en voor den Apostolischen stoel. Met stomme letterteekenen kan dat niet uitgedrukt worden, wijzelven zijn levende stemmen, wij, die door deze eerwaarde paters van de dwaling bekeerd, in het geloof bevestigd, eertijds luttel in getal, thans ontelbaar, volmondig de verdiensten der Societeit van Jezus uitspreken. 1)" — De scherpe veroordeeling van Neercassel laat ik voorbedachtelij k weg.

Onder afzonderlijke verklaringen was hetzelfde stuk geteekend door Theodorus van Etten, Andreas Raadt, Joannes Heymerick, Pieter Van de Werve, Gerrit Staats 3) — naar

1) Zie den oorspronkelyken latünschen tekst, gedeeltelijk in m\jn Vondel en de Paus bl. 113, gedeeltelik in Vondel's gedichten op de Societeit van Jezus. bl. 140.

2) Den 8s'en van Sprokkelmaand 1665 trouwde een Gerrit Staats

met dementia de Yries (Ged. van Jan Vos II, 318).

Sluiten