Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Groenen en tevens als derde superior van geheel de Jezuïeten-missie was aangesteld. l)

Kortstondig is 't verblijf van pater Luyten in den Krijtberg geweest. Den 19len Januari des jaars 1819 was de vrome zendeling uitgegaan om een De profundis te gaan bidden bij het lijk van een zijner medepriesters, den Amsterdamsehen pastoor Henricus Beukman, toen hij, wederkeerend, slechts eenige stappen van de even verlaten woning door eene beroerte werd getroffen en plotseling overleed. De bijna 6t»-jarige grijsaard werd den 22>ten Januari in de Oude Kerk begraven. 2)

Thans werd tot overste der zendelingen een man bevorderd, van wien men wel zeggen kan, dat hij bemind was bij God en bij de menschen, en die 30 jaren lang met onverdroten lust en zich nimmer verloochenende zachtzinnigheid het zielenheil zijner schapen gezocht en bevorderd heeft. Ik bedoel den reeds genoemden pater Franciscus Fol.

Op hem is letterlijk toepasselijk wat Vondel van Augustijn van Teylingen getuigde :

Dees leefde in vreê, bemind b\j alle mensclien.

Franciscus Fol was den 28<ten Februari 1782 te Ichteglieni in W.-Vlaanderen geboren en trad, reeds tot de priesterlijke waardigheid verheven, den 15'ien Juli 1814 te Leuven in de Societeit van Jezus. Nog novice zijnde werd hij reeds in dezelfde maand van 't zelfde jaar naar de Amstelstad gezonden, waar hij, eerst als medehelper van pater Luyten (1814—'19) vervolgens als overste, al de overige dagen zijns levens zou slijten.

1 De volgende superioren, na Beckers, Fonteyne en Luyten. waren Petrus de Hasque, Matthias Wolff, Petrus de Hasque ('2" , Gerardus Eisen en Ant. van der Leeuw.

2) Gedurende de suppressie was hij assistent geweest van den Hagenaar, den ex-Jezuïet Petrus Arn. Vavé te Zwolle, die aldaar den 22 Oct. 1798 overleed, de laatste der Zwolsche Jezuïeten.

Sluiten