is toegevoegd aan uw favorieten.

Beknopte kliniek der voedingsstoornissen van den zuigeling

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zicii voor, dat in gevallen waar een abnormaal chemisme en mechanisme (z. a. bij dyspepsie) de primaire factor is, onder dier invloed de normale bacteriën van liet darmkanaal virulent kunnen worden (endogene infectie) en dat tevens door de prikkeling der abnormale gistingsproducten op den darmwand eene laesie van dien wand zal geboren worden.

In andere gevallen zal primair infectie aanwezig zijn, hetzij doordien virulente microben van buiten af in het darmkanaal dringen (ectogene infectie) of wel doordien de normale bacteriën (b.v. door hooge buitentemperatuur) virulent worden en zoo aanleiding geven tot laesie van den darmwand en tot infectie van den darminhoud met ontwikkeling van abnormaal chemisme (toxi-infectieuze processen).

Vrij algemeen wordt aangenomen, dat onder de producten van het abnormaal chemisme, dat zich bij de voedingsstoornissen binnen den darm afspeelt, er zijn, die in den bloedstroom opgenomen tot stoornis in verwijderde organen (auto-intoxicatie) aanleiding geven en waarbij deze organen zeer ontvankelijk worden voor secundaire infectie, d. w. z. eene infectie, die van buiten af en niet direct door den bloedbaan geschiedt.

Voor de verschillende hierna te noemen klinische vormen schijnt de pathogenie in dien zin verschillend te zijn.

De microben die bij de voedingsstoornissen in de faeces worden aangetroffen, zijn in den regel b. coli en streptokokken; hoogst zelden pyocyaneus en proteus. Van de beide eerstgenoemde is de infectie öf endogeen öf ectogeen; bij de laatstgenoemden in den regel ectogeen.