Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zoodat men alleen voor buitengewoon hooge of lage stemmen meer dan 2 hulplijnen behoefde te gebruiken.

De sleutel droeg den naam van de zangstem, waarbij hij gebruikt werd:

de c-sleutel op de le lijn : sopraansleutel

2® lijn : mezzo-sopraansleutel

3e lijn : altsleutel

4® lijn : tenorsleutel

de f-sleutel op de 3® lijn 4® lijn

sopraansleutel

mezzo-sopraansleutel

altsleutel

tenorsleutel

baritonsleutel

bassleutel.

32. Een groot bezwaar voor 't muzieklezen was echter, dat een noot op dezelfde plaats, bij verschillende sleutels telkens een anderen naam kreeg. Men moest zich dus oefenen in het lezen in 6 verschillende sleutels.

Daarom is het goed, dat men langzamerhand den baritonsleutel heeft afgeschaft, en de c-sleutels heeft vervangen door den ff-sleutel, waardoor in 't aantal benoodigde hulplijnen weinig verandering komt.

33. Van de c-sleutels is tegenwoordig bij de zangmuziek alleen nog maar de tenorsleutel in gebruik, en dan zeer zelden.

Sluiten