Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat gansch niet verlegen staat met zijn antwoord. Het schijnt er getuige van geweest te zijn, toen God den hemel en aarde schiep „onder het eenstemmig gejuich der morgensterren, onder het gejubel van ui de Zonen Gods''. Slaat eens de belijdenis der kerk op. Met welk een rustige zekerheid wordt gij daar onderwezen over 's menschen ellende, zijn verlossing en zijn dankbaarheid. Hier is voor ieder waarom een daarom. Heel het wereldplan Gods wordt ons daar ontvouwd als had de kerk hare vertegenwoordigers gehad in Gods raad. Als een open boek ligt alles voor u: gij hebt slechts te lezen, te lezen van de schepping aller dingen en van die des menschen naar Gods beeld, van 's menschen val en van zijne wederoprichting door 't geloof in de verlossende kracht van het bloed van Christus.

liet ontzettend raadsel der zonde, waarvoor ieder ernstig en nadenkend inensch verstomt, is geen raadsel daar. Ook het lijden, de duizendvoudige smarten, waaronder het menschdom zucht, is verklaard, 't Is de rechtvaardige straf voor de zonde. Elk zonnestraaltje, dat ons nog gegund wordt is onverdiende genade. Ook de toekomst is daar geen geheim. Zij ligt open zoo goed als het verleden. Do eindelijke zaliging van het menschelijk geslacht, ter wille waarvan natuurlijk alles in het aanzijn is geroepen, alles geregeld wentelt en draait, de zon schijnt, de jaargetijden wisselen is het doel van alle werken Gods. Zelfs het wezen G ods is geen verborgenheid : drie personen, ieder met zijn onmededeelbare eigenschappen en met zijn eigen taak en toch één eenig God. Hier is geen kennen ten deele. Hier is volledige kennis als van iemand,

Sluiten