is toegevoegd aan uw favorieten.

Aurora Leigh

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het in die dagen en klinkt het ook thans op denzelfden toon. Maar toch, dit laatste „goed zoo" treft hem dieper gewis, omdat het heden en gisteren tot een volmaakt liefde-accoord verbindt. En daarom, Mark Gage, benijd ik u uwe moeder 1 — En u, Graham, benijd ik, omdat gij eene vrouw hebt, die u zoo liefheeft, dat zij soms bijna vergeet er trotsch op te zijn Graham's vrouw te wezen, totdat een vriend komt en de opmerking maakt: „Die jongen daar heeft het massieve voorhoofd van zijn vader, verkleind in was geboetseerd ... zie maar, als ge zijn krullen naar achteren strijkt."

Wie bemint mij? „Dierbare vader — liefste moeder ik spreek die woorden nu en dan in mijn eenzaamheid uit en doe de stilte huiveren. Zij klinken vreemd als Hindostansch in het oor van een Indiër, die sedert jaren niets dan Engelsch heeft gehoord, of als een lievelingslied uit onzejeugd.dat, hoe verouderd ook, voor ons zijn zangerigheid behoudt. Daar boven in een glans van hemelsch licht heb ik een vader en een moeder, maar voor het gezellig, huiselijk, dagelijksch gebruik niet meer, niet meer. Het beste gedicht van deze hand kan hen niet meer bereiken, kan niet „goed zoo" zijn voor hen. De dood vervreemdt, richt een onoverkomelijken slagboom tusschen levenden en dooden op, doet ons uiteengaan als bij Babels torenbouw, omdat wij plotseling elkanders taal niet langer verstaan. Een levende Caesar zou den moed niet hebben om te kegelen met een, die aan mijn dooden vader gelijk is.

En toch zijn deze scheiding en verandering misschien minder groot dan men denkt. Vijf muschjes voor twee penningskens. en God neemt ze elk in zijn hoede. Is God niet te groot voor het kleine, zou een schepsel het dan zijn, omdat het tot God is gegaan. Ik ken mannen ernstig, waarheidslievend, volkomen bij hun verstand, die gedacht of gedroomd, verklaard