Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zeer mocht beperken, waarop Van X. van Sevenaer zei: »Ik hoop, dat de regeering van Nederland, wanneer eenmaal hier eene wet i* aangenomen, al bevalt die wet niet aan iedereen, die wet ook in den geest en <le strekking, waarin zij is aangenomen, zal doen uitroeren en

kracht er aan zal weten te geven."

Art. 33 der wet van 1857 zei: «Ter tegemoetkoming in de kosten kan eene bijdrage voor ieder schoolgaand kind worden geheven. De redactie van dit art. was gebrekkig en liet den gemeenteraad vrij. Toch was de l>edoeling van den wetgever, dat in den regel op elke school, door wie betalen kon, schoolgeld zon worden betaald. Dit bleek vooral uit de stukken, tusschen de Kamer en de regeering over dit punt indertijd gewisseld en waar de heer V. X. t. Sevenaer Thorbeckeop wees. Evenwel stoorden vele gemeenteraden zich daaraan niet en grepen kosteloos openbaar onderwijs als een gewenscht middel aan, om de bijzondere school in hare uitbreiding tegen te gaan. In 18(14 werd in 38 gemeenten van Z.-Holland, in 4 van X.-Holland, in 23 van Zeeland, in 6 van Overijsel en in 15 van Groningen het openbaar onderwijs kosteloos gesteld. Met de gemeenten, die reeds vroeger dit hadden gedaan, waren er in dat jaartal 238 gemeenten, waai de kinderen gratis de openbare scholen konden ltezoeken. In deze gemeenten was het geregeld schoolgaan geenszins beter dan in de andere en onder deze gemeenten waren er 41, waar bijzondere scholen bestonden, zoodat op deze plaatsen geene volle onderwijsvrijheid genoten werd. De voorstanders van bijzonder onderwijs, die een hoog schoolgeld voor hunne eigene kinderen betaalden, moesten dus op plaatsen, waar liet openbaar onderwijs kosteloos was gesteld, ook nog schoolgeld helpen betalen voor de leerlingen dei staatsschool.

(Jroot misbruik werd er, vooral in Friesland, gemaakt van kerkelijke fondsen tot ondersteuning der openbare school. Dat was kerkberooving en van de zijde der beheerders van de kerkelijke goedeien, plichtverzaking. Uit de Tabel der bijdragen voor het openbaar onderwijs in Friesiand blijkt, dat in 1862 in dat gewest de openbare schoolgelden liedroegen 25.376 gld., de opbrengst van bijzondere fondsen 48.338 gld. In de toelichting leest men: »De aanzienlijke som van 48.338 gld. is grootendeels hetgeen genoten is of verstrekt uit school-, kosterij, vicarij- en andere beneticiale goederen, grondjiachten en eeuwigdurende renten, enz., of uit kerkvoogdijgoederen." In Friesland be-

Sluiten