Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dering, in verband wel met de dwarsbreuk der Straat van Messina), bij de Banda zee, bij de Kleine Antillen. Het meest werkzaam zijn thans nog de vulkanen, die aan de randen der vastelanden of op de bijgelegen eilandbogen liggen; bovendien hebben onder zee vele uitbarstingen plaats.

De eenvoudigste vorm der vulkanen is de bekende tot een kegel naderende figuur, waarvan de helling naar boven steiler wordt, en tot ± 370 kan bedragen. Zeer verschillend van grootte is de topkrater. Vele bergen hebben bovendien nog flankkraters, soms in grooten getale (Etna, Lamongan). De meeste vulkanen zijn zoowel uit lava als uit losse producten opgebouwd. Sommige blazen met korte tusschenpoozen een aschwolkuit, andere rusten eeuwen, om dan plotseling weer te heftiger te gaan werken; zoo rustte de Krakatau van 1680 tot 1883, de \ esuvius bleef tijdens de Middeleeuwen soms ook een of twee eeuwen in rust, na de 17e eeuw niet meer. De kans op nieuwe erupties wordt gering, wanneer de vulkaan door de inwerking der atmosferische krachten tot een ruïne is geworden, wat op een zeer lange rustperiode wijst. Het regenwater heeft, ook bij de meeste werkende vulkanen, diepe ravijnen in den kegelmantel uitgeschuurd, die alleen bij den top veelal ontbreken, maar naar beneden sterk in aantal toenemen.

Samengestelde vulkanen noemt men die, waarbij liet topgedeelte van den kegel is verdwenen (ingestort, in de lucht geblazen of door het atmosferisch water in den loop der eeuwen meegevoerd) en zich in de wijde kraterruimte een of meer nieuwe kegels hebben opgebouwd. Bij den V esuvius staat nog slechts een deel van den ouden kraterwal, de Monte Somma. Bij Java zijn de groote samengestelde vulkanen lengger en Idjen besproken (blz. 329—30).

Bij een uitbarsting komen dikwijls zoowel lavastroomen als losse producten te voorschijn, soms ook een van beide Beide zijn van geheel dezelfde samenstelling en het uiteenblazen van het gloeiend vloeibare mag na tot losse deelen

Sluiten