Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weder hersteld was, werd een tweede aanval gewaagd, die volkomen gelukte.

Na den val van Lambada waren de onzen ook spoedig meester van Kwala Loë, zoodat de vijand nu verdwenen was van die plaats tot aan Kwala Gighen. Geen gering voordeel leverde dit ons op; de Atjehers misten nu de daar zoo talrijke zoutpannen en de strandmeren (lagunen) die zoo rijk aan visch zijn. Ook was de weg tussehen Pedir en de XXII Moekims geheel in onze handen, wat ook een groot nadeel voor den vijand was.

Tot in Maart 1877 vond Van der Heijden eiken dag bezigheden te over en al wat hij ondernam gelukte hem, dank zij zijn uitnemend geoefenden soldaten. In diezelfde maand bracht de toenmalige Gouverneur-Generaal van Nederlandsch-Indië, Van Lansberge, een bezoek aan Atjeh, en nu bleek het hoe hoog Van der Heijden bij dezen in aanzien stond. Niets werd besproken of zyn raad werd ingewonnen, terwijl men niet onduidelijk liet doorschemeren, dat hem binnen korten tijd een tocht naar Samalangan zou worden opgedragen. En toen nu in Juni van hetzelfde jaar de opperbevelhebber Diemont wegens ziekte naar Java terugkeerde, werd Van der Heijden voorloopig in diens plaats gesteld, tot hij in Januari 1878 definitief werd benoemd tot Gouverneur, tevens militair bevelhebber van Atjeh.

Sluiten