Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

behoeft bij dat feest geen zuur gezicht te zetten. Het ligt ganschelijk in den aard der dingen van deze dagen en oppositie tegen een enkel maatschappelijk symptoom is ijdele krachtsverspilling. Er is hier geen vorst te bestrijden die een volk onderdrukt, geen overweldiger der volksvrijheid; integendeel, de koningin maakt deel uit van een staatsbestel dat heel veel goeds heeft en ruimte voor ontwikkeling biedt. De inhuldiging is de voortzetting daarvan en brengt geenerlei verandering. Wij kunnen er, behoudens theoretisch bezwaar en buiten alle persoonsvereering, bij denken dat Nederland lang geen van de slechtste landen is om te leven, en niet de ongunstigste bodem voor de hervormingen die wij wenschen. Wij kunnen gelijkmoedig den dag besluiten met naar de lichtjes te gaan kijken.

Maar wij kunnen niet zonder ergernis het bedrijf van deze Gouden Koets zien. Van zelf wijkt eene hofhouding af van den eenvoud die hare eer kon zijn. Maar als deze afwijking groeit tot openbare excessen, doet zij pijn.

Ja, twaalf Amsterdamsche heeren patroniseeren deze zaak, als zij haar al niet dirigeeren. Er zijn namen bij, die men nooit verwacht had in zulk verband te zien.

In een der stukken van het bestuur is te lezen: „Waarom een Gouden Koets gekozen voor zulk een geschenk? Omdat de Amsterdammers dan bij feesten hunne koningin kunnen zien rondrijden in de Koets die zij zeiven hebben geschonken — omdat Hare Majesteit ongetwijfeld als altijd behalve de hoofdgrachten ook de straten waar de kleine man woont, zal komen doorrijden".

Panem et circenses! Maar dan ontbreke bij de spelen het brood niet.

Er is op datzelfde stuk, de rugzijde van de kaart waarop de Koets is afgebeeld, nog een hoofdstukje, getiteld: „Staatsiekoetsen aan buitenlandsche hoven". Daarin worden de Russische en Oostenrijksche genoemd, familiestukken uit oude en andere tijden. Ook de vorsten die er in rijden zijn van andere historische positie tegenover hun volk. En dan: „De koning van

7

Sluiten