is toegevoegd aan uw favorieten.

De voeding van het kind in het eerste levensjaar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

echter steeds cum grano salis hebben toegepast, zijn over het algemeen gunstig te noemen.

c. Physiologische s. calorimetrische methode volgens Heubner— Hofmann en Soxhlet.

Heubner tracht bij zijne methode: ten eerste de volumina per maaltijd ongeveer even groot te maken als bij de natuurlijke voeding, ten tweede de wanverhouding van eiwit aan de eene en van vet en koolhydraten aan de andere zijde (nl. 3: 3.5 : 5 bij koemelk tegen 1 : 4 : 7 bij vrouwenmelk) te verbeteren en ten derde de caloriënwaarde van het kunstmatige voedsel ongeveer gelijk te maken aan die van vrouwenmelk. Aanvankelijk ried hij aan, de koemelk met een gelijk volume van eene 6 pCt's.-melksuikeroplossing te verdunnen (volgens berekening moest de oplossing eigenlijk 0.9 pCt. melksuiker bevatten). Daar volgens Hofmann's analysen van vrouwenmelk, die Heubner als basis voor zijn mengsel gebruikte, het zog na de twee eerste lactatieweken een constante samenstelling heeft verkregen, raadde Heubner aan, één en dezelfde samenstelling van het kunstmatige voedsel te gebruiken voor alle perioden van den zuigelingsleeftijd, doch alleen het quantum te vergrooten naarmate het kind ouder wordt. Alleen voor zeer zwakke en reconvalescente zuigelingen gaf hij den raad, de koemelk te verdunnen met 2 deelen van een 4.5 pCt.'s-melksuikeroplossing.

Berekent men de samenstelling van het mengsel van Heubner, daarbij gebruik makende van de analyse van König voor koemelk (eiwit 3.55 pCt., vet 3.69 pCt., suiker 4.88 pCt.), dan blijkt dit te bevatten: eiwit 1.78 pCt., vet 1.85 pCt., suiker 5.44 pCt. Vergelijkt men de samenstelling van dit mengsel met die van vrouwenmelk, dan valt de armoede van het heubner'sche mengsel aan vet dadelijk in het oog. Dit is dan ook de reden, waarom Heubner zelf er van is teruggekomen en de aanstonds te bespreken methode van Soxhlet eerst heeft overgenomen en daarna eenigszins gewijzigd. Edoch