is toegevoegd aan uw favorieten.

Rinske Sonnema

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vroeg meneer, onderwijl hij een krummel van z'n mouw knipte. „Wil dat wat?"

„Nou — een langgerekt nou — „dat kon beter." „'t Is verbazend lastig, weet u, om er in te raken. De meeste lui zijn nog erg gehecht aan den ouden dokter van Stenum, al woont die ook een uur af. Niet dat ik niks te doen heb, maar 't zijn te veel non va'eurs, luitjes die van den een naar den ander loopen en 't nou eens probeeren met mij. De gezeten boeren en burgers zijn minder wispelturig."

„Maar er is toch op den duur praktijk te krijgen hè?" 6 '

Moeder en de kinderen luisterden met open ooren en mummelende monden, grasduinend in de broodjes met vleesch en kaas.

„O, zeker — geen kwestie. — Heeft u nog een kop koffie voor me, moesje?"

„Gut, jongen, — heb ik heelemaal vergeten je in te schenken?"

„Daar komt nog iets bij." Hij speelde met z'n mes en knikte even toen 't volle kopje hem toegeschoven was.

De anderen spitsten zich. Fred oefende al jaren door 't „gestudeerd zijn" een stil gezag. Uit pure oplettendheid zelfs liet Jan een droppel ei-door glijden langs z'n mooi vest.

„Ze zijn zooals u weet te Ralingawier en in den omtrek erg orthodox, en nou wil 't geval dat dokter Van Genderen — of-ie 't meent laat ik daar — den naam