is toegevoegd aan uw favorieten.

Waarheid en droomen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der welvaart; gewoon aan gemakken der weelde, aan genoegens der gezelligheid, en wat het ergste is : door dit alles verfijnd, week en gevoelig gemaakt; biedt zich aan — tot het bewijzen van diensten, die zij gewoon was te ontvangen, tot het geven van onderwijs in de talen en talenten, die men haar zelve tot den prijs van groote kosten heeft doen aanleeren; zij vergenoegt zich met een klein salaris, op voorwaarde eener goede behandeling — ziedaar den laatsten, misschien den bittersten trek van allen. Daarin vertoont zich nog een spoor van haar fijner gevoel. Geen gemeene dienstbode pleegt zulk een afspraak te maken, — ofschoon de Hemel weet of het overbodig zijn zou ! Zij verkeert in behoefte, dit blijkt uit haar aanbod, maar evenwel liever armoede dan hardheid! Men wieke het recht dat men koopt liever op haar gewaad, dan op haar hart! Wilt gij hooren hoe een vrouw haar lot beschrijft? Gij zult er de vrouw in herkennen Van alle degenen, zegt Mistress Hall, die door de wankele schaal van het geluk gedoemd zijn om het eigen brood te verdienen, hebben er geene meer aanspraak op medelijden dan gouvernantes. De dienstbode heeft, als haar werk gedaan is, een paar uren over, die haar alleen toebehooren. Hare eerzucht strekt zich niet verder uit dan haar kring. Maar de gouvernante heeft geen bepaalden kring. —

Zij wordt beschouwd als deels tot de gezelschapskamer te behooren;

vaak wordt zij uit de laatste verdreven, en met walging verlaat zij zelve de eerste. Tusschen een dubbel bestaan worstelt zij; zij is een soort van tweeslachtig wezen, dat tot twee verschillende toestanden behoort: zij moet als een fatsoenlijke vrouw voor den dag komen, en krijgt nauwelijks kameniersloon. Zij moet kundig en beschaafd zijn, en toch hare kunde en beschaafdheid voor zich houden tot zij er naar gevraagd wordt, ja, zelfs beleedigingen moet zij vaak verdragen, alsof zij er het gevoel voor miste. De Hemel sta haar bij, die op een gouvernantesplaats uitgaan, want van de aarde kunnen zij weinig ondersteuning verwachten. Boekdeelen zou men kunnen vullen met het lijden eener gouvernante.

Zie, dit en zooveel meer rijst mij voor de verbeelding, zoodra ik mij een dier beklagenswaardige schepselen vertegenwoordig, waarvan iedere verschijning van de Haarlemsche Courant er eenigen in veiling brengt. Zeker, ik ben er verre af van ongevoelig te wezen voor het ongeluk /an diegenen uit mijn geslacht, die tot dezelfde opoffering geroepen