Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IYflo. Het vormingsgebied der vloeiende mengkristallen komt aan beide zijden in contact met de vaste phase. Fig. 22 is in verband met het vorige volkomen duidelijk.

IV6. Een der componenten heeft geen vloeiende kristallen.

De component B vertoont dus slechts den overgang Sb < > L (zie fig. 23).

V. De beide anisotroop vloeibare phasen van den eenen component zijn metastabiel.

Hierbij wordt weer verondersteld, dat de vloeiend kristallijne phasen ten opzichte van elkaar enantiotroop zijn (zie de P-T kromme in fig. 5a).

Sluiten