Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in dit geval krachtens art. 15 tot het verrichten van overwerk verplicht zijn — slechts werklieden worden aangewezen, die zich daarvoor beschikbaar hebben gesteld.

4. Behalve in het geval, bedoeld in het tweede lid, hebben de werklieden, hetzij voor, hetzij na den arbeid, verricht in den tijd, welke niet op den rooster is vermeld, recht op een rusttijd van ten minste tien achtereenvolgende uren.

Art. 20.

1. Op tweeden Paaschdag, Hemelvaartsdag, tweeden Pinksterdag en niet op Zondag vallende Kerstdagen en Nieuwjaarsdag, alsmede op door Burgemeester en Wethouders aangewezen feestdagen, wordt slechts gewerkt, als daartoe noodzakelijkheid bestaat.

2. Of in de gevallen, bedoeld in het vorige lid en in art. 19 een onvoorziene omstandigheid of wel noodzakelijkheid aanwezig is, is ter beoordeeling van het hoofd van den dienst of van hem, die daartoe in de bijzondere voorschriften is aangewezen.

Tot zoover het Amsterdamsche, nu eenige artikelen uit het Zaandamsche reglement:

Art. 24.

1. De werktijd, waaronder ook worden verstaan wacht- en andere diensttijden, wordt geregeld in de bizondere voorschriften voor eiken tak van dienst, met inachtneming van de in artt. 25 tot en met 29 vervatte bepalingen.

2. De werktijd wordt bekend gemaakt op de door het hoofd van den tak van dienst onderteekende werkroosters.

3. Het hoofd of degene die daarvoor in de bizondere voorschriften is aangewezen, is bevoegd in bizondere omstandigheden van den vastgestelden werkrooster te doen afwijken. Hij geeft daarvan in elk geval onmiddellijk kennis aan den voorzitter van de betrokken commissie van bijstand.

Art. 25.

1. Zij, die geregeld gedurende de zes werkdagen der week, hetzij des daags, hetzij des nachts, arbeiden, zijn verplicht in gewone omstandigheden ten hoogste 10 uur per etmaal en 58 uren per week te arbeiden, de schafturen daaronder niet begrepen, met dien verstande, dat de arbeidstijd des Zaterdags niet later

Sluiten