Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pikante hofanecdoten te vertellen; een groot veld van conversatie was dus voor Silvia gesloten, en wel juist dat veld waarop zij al haai' lauweren placht te behalen. Men voerde het onderhoud in haar taal en over haar land — dat was een neutraal gebied waarop geen der gevoelens, die een toon van gedwongenheid aan hun samenzijn gaven, gekwetst kon worden, — maar de Italiaansche maakte bij haar uitstapjes op vaderlandsch gebied vreemde vergissingen. Het bleek dat zij over haar geboortegrond andere gedachten koesterde dan de aardrijkskundigen, en de meeste rivieren dwong haar bed te verlaten, en niet meer langs de oevers te vloeien, die deze lastige geleerden daartoe hadden aangewezen, terwijl zij voor de kunstvoortbrengselen, in de steden aan die oevers verzameld, de grootste onpartijdigheid toonde, want zij had ze noch in Rome noch in Florence gezien. Ook van dichters kende zij alleen den poëet, die haar bezongen had, en wiens faam ongelukkig niet zoo ver was doorgedrongen als die van Dante en Petrarca, over wie zij zeer in 't duister scheen te verkeeren. Voor zijn verzen vond zij dus geen weerklank, hoe schoon ze ook waren, in de schatting van Silvia althans, die gedichten met den naam van Beatrice of Laura nooit erg zou bewonderd hebben. Wat haar zelf betrof, hinderden die eigenaardige spelingen van vernuft niet bijzonder, want Reinout en Helene waren te beleefd om eenige verwondering te toonen, maar voor Edward konden deze dingen niet aangenamer zijn. Hi j verkeerde geheel in die opgewekte stemming waarin mannen plegen te verkeeren, wanneer zij de echtgenoot of beminde, wier geringe ontwikkeling zij voor zich zelf geestig naïef noemden, in het bijzijn van vreemden, die dezelfde eigenschap minder vleiend zullen omschrijven, een fout hooren maken, en het hem toch reeds zoo pijnlijke bezoek werd door dit gevoel dubbel bezwarend.

Hij had in de eerste opgewondenheid van zijn geluk niet aan Helene geducht; vreugde en leed in hun hoogste uiting dragen een mate van vergetelheid niet zich, die gedurende oogen blik ken althans iedere herinnering verdrijft; nu echter, in de oude welbekende omgeving. keerde ze ook weer voor zijn geest terug. Uit deze woning, waar hij nu zijn bruid binnenleidde, had hij eens gehoopt een bruid te voeren; als iemand, die de verandering, welke met hem heeft plaats gegrepen, zelf niet kan vatten, staarde hij om zich heen. Was dat werkelijk het vertrek, waarin zij gezongen hadden? was dat de Helene, met wie hij zoo vertrouwelijk placht te spreken, de Helene die hem dierbaar was geweest ? Zij. die hij nu zag, kwam hem zoo vreemd voor; er scheen zulk een afstand tusschen hen, dat die gedachte aan vervlogen tijden bijna op de herinnering aan een verren droom geleek. Een smartelijke gewaarwording maakte

Sluiten