is toegevoegd aan je favorieten.

Menschen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stem riep hij zijn vrouw... Aan de overzijde sloot Peeters zorgvuldig de woning, terwijl zijn vrouw en kinderen, met pak en zak beladen, stilaan voortschreden.

Toen zij achter den hoek verdwenen waren, zei Janssens wonderbaar kalm en op een toon die geen tegenspraak duldde:

— Vrouw, ge vertrekt zoohaast mogelijk met de kinderen... ik blijf bij de kas.

Hij bracht haar naar het station, gaf zijn zoon de laatste aanbevelingen, verliet hen midden van het vreeselijk gedrang en tumult, om naar zijn kantoor te gaan.

Daar zat Janssens voor de eerste maal sinds drieen-dertig jaar alleen... Van het talrijk personeel bleef nog een klerk en twee, oude kantoorknechten. Het was zeldzaam ongewoon en vreemd.

Rond vijf uur kwam de Bestuurder nog eens haastig aanloopen. Hij zag de leege hal, dan de open brandkasten met hun bewaker.

— Janssens... ik dacht-het wel... ik ga u een volmacht schrijven... gij vervangt mij...

— Ik blijf op mijn post, mijnheer de Directeur, en ik zal hier blijven dag en nacht tot alles voorbij is.

— Wij zullen het nooit vergeten, beloofde de Bestuurder.

En Janssens bleef met de twee oude bureelknechten, want de klerk was Donderdags ook op de vlucht geslagen.

Zij hadden beddegoed aangesleurd in de kelders, al wat zij gevonden hadden in de portierswoning, hun provisie thuis afgehaald en jongmanshuishouden gespeeld... Janssens was opgewekt en vinnig gebleven in de langwijlige, griezelige uren van het bombardement. Menschen die niet meer vluchten konden had