is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit grauwe nevels

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

me aan met eenen vraag-blik, en las dan weer voort.

Tegen avond verliet ze me om beneden de klanten te bedienen. Eens, — ik zat toen reeds op en de dokter kwam niet meer, — eens, zoo in de schemering, heb ik haar in mijn armen genomen en gekust: haar klein, mager lijf was tegen me aangeleund als machteloos, diep-ademend hijgde haar borst, en tranen vloeiden haar over 't gezicht. Nooit gaf een vrouw zich zoo aan mij, 't was me vreemd en zalig. De volgende dagen waren als een roes. Mary was me meer dan al mijne vroegere ontmoetingen, en als ze des nachts in mijn armen sliep, lag ik lang wakker als in een droom. Heel mijn leven was nu als omgeworpen, ik voelde me niet langer zoo in onzekerheid weggedragen op 't onrustige water; ik leefde in zoo'n kalme regelmatigheid, de dag was eene eentonige voortzetting van den vorigen, eene aaneenschakeling zonder breuk, gevuld met de stille liefde van Mary. Gasten kwamen en gingen, zonder dat ik me afvroeg waarheen; ingedommeld en afgescheiden van het overige was alles in mij slechts voor de vrouw met de grijze oogen in het gebronsde, vroeg-oude gelaat.

Maar dat kon immers zoo niet voort-