is toegevoegd aan uw favorieten.

Nestor de Tière, de baanbreker van het realisme op het Vlaamsch tooneel

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nestor s letterkundig enthusiasme is duchtig gekoeld. Hij trekt zich gehavend terug uit den strijd, maar geeft het echter niet op : hij denkt en werkt voortaan in stilte voor zichzelf.

De familie De Tière verhuist naar Gent, dlwaar Nestor leerling wordt aan de « beroepsafdeeling » van het Koninklijk Atheneum. Hij laat gedichten en artikels van allerlei aard verschijnen in tal van dag- en weekbladen, in jaarboekjes en tijdschriften, o.a. in : De Stad Gent, 't Verbond van Aalst. De Eendracht (1), De Vlaamsche Kunstbode, De Toekomst, De Nederlandsche Dichten Kunstholle, enz., enz. Ook trad hij in denZetternamskring, de levenskrachtige en destijds zoo levenslustige vereeniging van letterbeoefenaars, en trok, met deze laagste, Vlaanderen door, tot net houden van voordrachten.

In Gent was De Tière een drietal jaren werkzaam in de studie van den kunstlievenden notaris Emiel Soinne; hij schreef er menig notarieele akte en ook menig vers. Nog te Gent Verblijvend, gaf De Tière een bundeltje Gymnastische Liederen en Lyrische Kindertooneelen uit, waarvan eene Fransche vertaling door G. Lagye, kort na hunne verschijning ontstond.

In 1880 verhuisde Nestor een derde maal met de familie, ditmaal naar Brussel, waar hem eene bediening was aangeboden, in het vertalingsbureel van Theophiel Coopman, bij het ministerie van Spoorwegen. Een jaar daarna echter, ging hij over naar den dienst der Internationale Ruilingen, waarin hij thans nog als dienst' overste fungeert.

In 1900, werd De Tière. als letterkundige, ridder en, in 1912, officier in de Leopoldsorde; in 1919 kreeg hij zijn bevordering als Commandeur in de Orde van de Kroon, en het gemeentebestuur van Schaarbeek-Brussel gaf, in 1906, zijn naam aan eene van de nieuwe straten der gemeente, « voulant honorer les lettres beiges et rendre hommage au talent de De Tière » zegt het besluit van het Schepen-College.

t Is bijzonder in de hoofdstad, dat hij, als tooneelschrijver werkzaam is geweest, dat hij in betrekking was met Conscience,

(1) In De Eendracht,, vooral verschenen tal van versjes en schetsjes waarvan eenvoud en gemoedelijkheid de hoofdhoedanigheden uitmaken en die van een opmerkzamen geest getuigen.

De Tière schreef in deze periode insgelijks liederen en koren, die op muziek werden gesteld door ]ules Van der Meulen en Karei Miry.