is toegevoegd aan je favorieten.

Radio-telegrafie in de tropen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

factor, daar de stations meer dan 500 K.M. over zee overbrugden).

Werd de terreinstoornis nog grooter (op denzelfden afstand over den Tjenmai 3.070 K.M. naar Cheribon, waarbij de berg 25 K.M. van deze plaats lag), waarvoor R = 600 K.M. zou moeten zijn, dan hield de verbinding op.

De grenswaarde van de kromming overdag van een ruimtestraal m de lagere luchtlagen (korte afstand) en bij gebruik van eene golflengte van 600 M. is dus c.a. R 1000 K.M. V« aardstraal, d. i. dus eene kromming, zeer belangrijk sterker dan de aarJkromming. Voor langere golven is de bereikbare kromming derhalve vermoedelijk nog sterker, zoodat er nog minder aan getwijfeld behoeft te worden, dat een vrije rui'm/e-straal daags de aardkromming kan volgen.

De nachtverbinding. 's-Nachts bleek belangrijke kromming van een ruim/e-straal niet te bestaan, zooals hiervoor is aangetoond en waar blijkbaar geen andere golf-categone optreedt, kan dus, afgezien van zeer korte afstanden, waarvoor de aarde vlak is, een tegenstation s nachts niet anders bereikt worden door een ruimte-straal, dan na terugkaatsing ergens in hooger sferen, daar, indien de straal niet terug gereflecteerd werd, deze de aarde zou moeten verlaten of in bovenlagen geabsorbeerd zou moeten worden. Het zal hierna dan ook blijken, dat, indien men zoo'n reflecteerende bovenlaag aanneemt, alle optredende verschijnselen 's-nachts gemakkelijk te verklaren zijn. In fig. 9a, is een gedeelte van de aardkorst geteekend met eene, op eenige hoogte gedachte, reflecteerende laag er om heen.

In het punt Z is het zendend station gedacht met eene verticale antenne, zien nu dat, waar de verbinding

tusschen Z en de plaatsen (1', 2', 3), enz. uitsluitend door gereflecteerde ruimte-stralen kan plaats vinden, de stralen