Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zaken, is gemeld artikel verkeerd toegepast. — H. R 19 November 1886; W. 5361; v. d. H., B. R. Lil, 331; N. R. CXLIV, § 34, 215. (Cassatie van Hof Amsterdam 19 Februari 1886; W, 5268; P. v. J. 1886, 12.

978. De eigenaar van een huis is, als hij last geeft dat huis te verbouwen, verantwoordelijk voor de onrechtmatige handelingen door van zijnentwege aangestelde personen gepleegd en voor de daaruit ontsproten schade — Rechtb. Groningen 30 April 1883; W. 5397.

979. De verantwoordelijkheid bij dit artikel opgelegd voor daden van derden ontneemt den benadeelde het recht niet, zijne vordering in te stellen tegen hem, die de onrechtmatige daad heeft gepleegd. — Hof's-Hertogenbosch 17 April 1888; W. 5708.

980. Niemand kan aansprakelijk worden gesteld voor de daden van derden, over wie hij niets te zeggen heeft en die hem niet behoeven te gehoorzamen, indien deze op zijn raad, zij het dan ook op bevelenden toon gegeven, eene onrechtmatige handeling plegen en daardoor schade veroorzaken. — Rechtb.

's-Hertogenbosch 9 September 1892; W. 6385.

981. De eisch tot schadevergoeding ter zake van een ongeval, veroorzaakt door onvoorzichtigheid of nalatigheid van personen, die zijn aangesteld tot waarneming van iemands zaken, behoort bij

gebrek aan bewijs van beweerde onvoorzichtigheid en nalatigheid te worden ontzegd. — H. R. 30 December 1892; W. 6292; v. d. H., B R. LVIII, 483.

982. De aansprakelijkheid voor de daden van derden kan niet gegrond worden op de omstandigheid, dat men

den schijn heeft aangenomen van de handelingen van een ander zelf te hebben gepleegd of doen plegen. — Rechtb. 's-Hertogenbosch 14 Juni 1895; W. 6725.

Art. 1404.

983. Mr. F. A. R. A. baron van Ittersum. Rechtspraak. Art 1404 B. W. — R. M. XXII, 165.

984. Mr. C. O. Segers. De verplichting tot schadevergoeding krachtens art. 1404 B. W. — R. M. IX, 183.

985. T. S. Bakker. Opmerkingen over art. 1404 B. W. — Ac. Pr. Groningen 1891.

986. Is art. 1404 B. W. alleen toepasselijk ter zake voor schade, geleden door derden of ook wegens schade, veroorzaakt door eigen bedienden, m. a w. is op grond van art. 1404 B. W. ook de meester civielrechtelijk aansprakelijk voor schade, aan zijn eigen bediende, door zijn eigen dier toegebracht, wanneer die bediende door zijnen meester met het toezicht over dat dier is belast ? Ja. — R. A. XI, 89.

987. Kan de beambte van een spoorwegdienst aan art. 1 der wet van 9 April 1875 (St. no. 67) aanspraak ontleenen op vergoeding van schade, door hem bij de uitoefening van den dienst geleden? Neen. — R. A. XI, 92.

988. Alleen het toebrengen van schade

door een dier stelt den eigenaar van dat dier aansprakelijk, zoodat niet behoeft onderzocht te worden of eene onrechtmatige daad is gepleegd en of nalatigheid of onvoorzichtigheid kan worden ten laste gelegd. — Kantong. Delft 21 Maart 1882; W. 4795. (Zie i nr. 930).

Sluiten