Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het recht de partij, die wel voldoet aan het monster te ontvangen en de andere, die niet conform het monster is, te weigeren; hij behoeft niet beide partijen aan te nemen of te weigeren. — Hof 's-Gravenhage 13 Februari 1881; W. 5002; N. R. B 1883, Bijbl. 200.

In denzelfden zin Rechtb. Amsterdam 16 Juni 1882; N. M. v. H., I, 319.

1491. Indien het verkochte bestaat uit stukken van verschillende prijzen, op verschillende stalen besteld, en van elders niet blijkt, dat de koop van het eene stuk afhankelijk is van of verbonden aan den verkoop van het andere, dan mag de aanvaarding van enkele stukken niet leiden tot het besluit, dat ook de overige aanvaard zijn. — Hof 's-Hertogenbosch 24 October 1882; W. 4861; N. M. v. H., I, 379.

1492. Indien de aard van het verkochte voorwerp medebrengt, dat de kooper het niet behoeft aan te nemen zonder onderzoek der hoedanigheid, dan maakt hij zich schuldig aan wanpraestatie als hij weigert het hem aangeboden voorwerp te onderzoeken. — Rechtb. Groningen 23 Maart 1885; W. 5461.

1493. Indien niet blijkt, dat de waar, welke op keur geleverd is, goedgekeurd is, kan er geen sprake zijn van een bestaanden koop. — Rechtb. Winschoten 28 Juli 1886; W. 5387.

1494. Voor de gegrondheid der vordering tot betaling ingeval van proefkoop, is allereerst noodzakelijk, dat de opschortende voorwaarde, n.1. dat de proef is goedgekeurd, vervuld is. — Rechtb. Amsterdam 6 April 1894; W. 6631; N. M. v. H. VII, 198.

1495. Waar op monster is verkocht, maar niet volgens het monster is geleverd, bestaat recht op schadevergoeding, onafhankelijk van de hoedanigheid van het geleverde; waar de actie is gegrond op koop op monster, mag dat standpunt niet worden verlaten door te vragen schadevergoeding op grond van slechte levering. — Rechtb. Amsterdam 20 November 1891; P. v. J. 1892, 32.

1496. Het gebruik in den aardappelhandel brengt mede, dat de koop geschiedt op zicht en proef. — Hof 's-Gravenhage 26 Januari 1891; W. 6048; P. v. .1. 1891, 44; Mb. Dw. VII, 9. Rechtb. Rotterdam 26 October 1889; W. 5846.

1497. Ingeval van koop op monster van eene partij steenen, kan geene goedkeuring der geleverde steenen worden aangenomen op grond, dat de vracht betaald is en daarna de steenen gelost, vervoerd en gedeeltelijk gebruikt werden. — Hof Amsterdam 4 Maart 1901; N. M. v. H. XIII, 219.

1498. Wanneer is overeengekomen, dat de eene partij zich verbindt tot levering eener machine, die aan bepaalde eischen voldoet, de andere partij tot betaling dier machine, nadat zal zijn gebleken dat zij aan die eischen voldoet — dan is er geen koop en verkoop op de proef, waarbij ten slotte den kooper de keuze blijft, den koop al dan niet gestand te doen, maar dan is er een definitieve koop en verkoop en zal de kooper tot betaling gehouden zijn, zoodra de verkooper bij ontkentenis bewijst, dat de machine aan de gestelde eischen voldoet. — Rechtb. Amsterdam 6 April 1906; W. 8547.

Sluiten