Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van een rijpe vrucht, maar het vertoont de onmiskenbare teekenen van een knop, van een bloesem. Sterker nog: velen hebben duidelijk het gevoel gehad, alsof dit leven een droom gelijkt, een benauwden droom soms, dan weer een aangenamer) droom maar nooit meer dan een droom. En zij hebben daaraan vastgeknoopt de onuitroeibare zekerheid, dat wat wij sterven noemen, niet anders is dan een ontwaken. Een overgaan van den droomtoestand in den toestand van het werkelijke zijn.

2. Daar komt nog bij dat het menschelijk rechtsbesef door dit leven allerminst bevredigd wordt. Het gaat telkens geheel anders dan wij zouden verwachten en wenschen. De balans van het recht is bijna nooit in evenwicht. Ook dat heeft de gedachte opgewekt: dit leven kan niet alles wezen. Er moet meer achter liggen, dat ons nog onbekend is.

3. En eindelijk draagt de menschenziel in zich de intuïtie der eeuwigheid. Zij voelt zich temidden van de stroomen van levensgebeurtenissen als de onvergankelijke. Juist het feit, dat zij de vergankelijkheid, den tijd, de wisseling voelt, is een bewijs, dat zij iets in zich draagt, wat er boven uitgaat, wat eeuwig is.

Deze drie gronden, gevoelsgronden mogen wij wel zeggen, hebben het geloof in de onsterfelijkheid bij alle volken in stand gehouden.

Even algemeen echter als dit geloof aan een leven na dit leven door alle eeuwen heen gegolden heeft, even verscheiden zijn de opvattingen, die aangaande den toestand na den dood zijn gekoesterd. Zonder daarop dieper in te gaan, willen wij met een enkele opmerking hierover besluiten-

Sluiten