Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Lieve Christen-lezers!

, Ontegenzeggelijk waar is het, dat wij bij de naspeuringen van 't ondoorgrondelijk leerstuk der Praedestinatie of de leer van Verkiezing en Verwerping geen aangenamen weg te bewandelen hebben. Immers daar ons alles in de Schepping Gods liefde predikt, zoo is 't niet terstond aannemelijk voor den zondigen sterveling — die zich nog in een onwedergeboren toestand der ziel bevindt — om dit voornoemd leerstuk met graagte te omhelzen. Wanneer hij alleen op de goedheid eh liefde van God ziet, en zijne andere Goddelijke eigenschappen zou willen buitensluiten, dan kan 't niet anders, dan dat het hem eerder afstuit dan aangrijpt en bevalt. Maar zouden we wel recht hebben als zondige wezens, om Gods rechtvaardigheid, heiligheid, onafhankelijkheid en vrijmachtige Souvereihiteit ter zijde te stellen? Immers neen! Al predikt ook het gansch heelal de werken van eenen ontfermenden en liefderijken God en Schepper, dan moet Hij als eene van zelfheid ook voornoemde eigenschappen bezitten.

Was 't niet uit dien hoofde, dat Hij onze voorouders Adam en Eva niet straffeloos in het paradijs, den hof van Eden — na de gepleegde zonde en ongehoorzaamheid — kon laten big ven, maar hen voor hunne overtreding, — èn de man met al zijne

Sluiten