Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

er nu, gelijk wij vroeger hebben opgemerkt, gedurende dit lange tijdvak als liet ware een druk op liet onderzoek der natuur werd uitgeoefend, dan was die belemmering zeer zeker niet gegrond op den Bijbel of op uitspraken van Christus, hoewel het monnikenwezen, het ontvlieden der wereld, hoe verklaarbaar soms ook, aan verkeerd begrepen Bijbelteksten moet worden toegeschreven. Integendeel, de druk kwam van een geheel anderen kant en wel van de zijde van het heidendom; het was immers Aristoteles, die al dien tijd als heer en meester op het erf der wetenschap regeerde, en aan wiens woorden een gezag werd toegekend, waarop hijzelf voorzeker nooit aanspraak zou hebben gemaakt.

Om dit door een enkel voorbeeld op te helderen, zullen wij hier de bekende geschiedenis van Christoph Scheiner en de zonnevlekken meedeelen. Een der eersten, waarschijnlijk wel de eerste, die vlekken op de zon waarnam, was de jezuietenpater Scheiner (1575—1650), en toen deze, misschien zelf wel eenigszins onthutst over hetgeen hij gezien had, zijne ontdekking aan zijn provinciaal Busaeus bekend maakte, verzocht deze hem, over eenige dagen terug te komen. Toen Scheiner terugkwam, zeide de liooge geestelijke tot hem: „wees kalm, mijn zoon! ik heb den geheelen Aristoteles gelezen en herlezen en heb er niets van dien aard in gevonden. Er zijn geen andere vlekken in de zon dan die, welke er in geplaatst worden door uwe oogen of door de glazen van uw nieuw instrument". Niet de Bijbel, maar Aristoteles was de onfeilbare autoriteit. Het zou trouwens ook moeilijk gaan, 0111 Christus of den Bijbel in zuiver natuurwetenschappelijke vraagstukken als autoriteit aan te halen.

Eerlijke natuuronderzoekers weten dan ook de door ons in het licht gestelde beschouwing van het Christendom zeer goed te waardeeren. Zoo zegt b.v. G. Da Bois—Reymond : „de nieuwere natuurwetenschap heeft, hoe paradox het ook moge klinken, haar oorsprong te danken aan het Christendom".

* *

*

Maar er is nog eene andere belangrijke zaak, die voortvloeit uit het feit, dat de leer van Christus zich verre houdt

Sluiten