Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GESCHIEDENIS. 351

zou afgebroken worden. Ten opzichte der vrouwen, was men niet eenparig, omtrent de vraag, of de ongehuwde vrijsters, bij het gebed,zich al dan niet met eenen duiër behoorden te dekken? tertullianus (*) ijvert voor het laatde, hetwelk hij, gelijk wij gezien hebben , ook in eene afzonderlijke verhandeling, met opzet, aandringt. Men bad op de vasten- en bededagen, (jejuntis et fiat ioni bus,) knielend, alleen eenige weinigen onthielden zich daar van op den Sabbatb, welke tertullianus hoopt, dat toegeven , of dat de anderen zich niet aan hen ergeren zullen. Alleen op den dag van jesus Opdanding , en geduurende de Pinkdcrdagcn, moet men zich, volgends hem, van het knielen, gelijk van alle tekens en pfigten van angst, onthouden, en ook zijne daaglijkfché bezigheden uitdellen, om den Duivel geene plaats tc geven ( + ). Wen kan aan alle plaatzen het gebed doen, waar liet voegzaam is. of de nood het vercischt, Maar ook is het goed. eene vaste bepaling van biduuren tc maken , ei daar toe het derde, zesde, en negende uur, naai de toenmalige uurtelling, af te zonderen, als fchul denaars aan den Vader, Zoon, cn Heiligen Geest evenwel, behalven het morgen- cn avondgebed. Ooi betaamt het den geloovigen, geene fpijze te gebru iien, of in het bad te gaan, vóór hij zijn gebe verricht heeft. Ook zal men eenen vreemden Chri; ten, die ons bezoekt, niet gaan laten, zonder mt hem gebeden te hebben. Eindelijk, die naardig w.

re

(*) C. 21. Ct) C 24-

H

bde* VI

Hoofdft:

ia C. G. jaar 193. tot 235.

jl t

I

Sluiten