is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche provinciale staatscourier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( «9 )

;, gen te achten van eene verbintenis , welke zy in hun „ particulier hadden aargcgaan, waarem dezelve den iiden

„ Oenen post als Raad niet hebbende willen aanvaarden , dan onder deezen expresfen mies , dat hem niets zonde worden gevergt , dat flreed tegen Stads of s' Lands Regten, en dat altyd ten fterkfte zonde mogen coopereeren , om ten genoece der "Burgery de Domeftike Regeerings b;flelling deezer Siad met den eerften te helpen afdoen ; maakt geene zwaarigheid ; (daar hy de fuftenuen der Burgery altyl, uit overtuiging zyns gemoeds , als regtmatig heeft erkend, en daarom ook door Refolutien en Declaratien van deezen Raad, eenyds gedaan, heeft getragt, die te corroboreeren, zoo veel in zyn vermogen was) om op den Eed , am de.'ze Stad gedaan , zig te verbinden , van , op den iaden October 1786 aanftaande , het Reglement van den Jaare 1Ó74 welk alomme frkend is te ftryden tegen Stads Regten) voorzoo veel het zelve betrekking heeft tot Stads Regeeringsbeft-'l en Domeftike zaken, niet te zullen bezweeren , alzoo dit volgens dés Raads Refolutie, ter Staaten Vergadering i"gebragt den ïften S:ptember 17S4, van geen Regent kan verwagt of gevergt worden} de Ondergeteekende declareert integendeel, dat hy op den iaden Oélober 178Ö, zyne Raadsplaats niet anders zal aanvaarden, dan op het nieuwe Reglement, by hemden noden December vrywillig helpen arrefteren , voorbehoudens nogihans de invlegting der twee differente poincten , welke hy voor de Burgery van gioot gewigt rekent; willende de Ondergeteekende het zelve aldus geapplaneerd Regleme.it op huydan deezes gaarne houden voor formeel geintroduceert ; zoó dat hem aangenaam zal zvn te zien, dat de Burgery van dato deezes af, het effect geniete van 't geene wegens haar Burger Geeemmitteer.len , Kiezers, nominatien &c. is bepaald; Hier toe verbind zig de Ondergeteekende by dit declaratoir, voor zoo veel hem aangaat; en declareert wyders, tot volkomen fecuriteit van de prtedarie zyner ter goeder trouwe gedaane beloften, in allen deelen des gerequkaert wordende, dit alles folemnelyk met Eede te willen bevestigen. Utrecht, den ao Maart, 17S6. (was geteekend)

JAN PIETER de RIDDER.

Van den Heer Abbema. Gelyk het eeniglyk een gemoedelyk bezwaar was, profluerende uit gehoudenheid aan den Eed op het Regeerings Reglement van 1674, lar Staatsvergadering afgelegd, het welk my, op den soften December des afgeloopen Jaars , belet heeft in te Hemmen en te concurreren tot het finaal arrefteren van het geapplaneerd Stads Regeerings Reglement, en het bepaalen van den ao Maart tot deszelfs introductie, zoo lange ik niet van den voor-

fchree-

„ October, aan den Heer P. 't Hoen , in wieni handen „ voorfchreeve Heertn, op den aoften Maart bevooreua

,, den

fchreeven Eed Staatjgewyze zoude zyn ontflaagen : alzoo worde ik als nog, door dat zelve oprecht gemoedelyk bezwaar, en door niets anders, op heeden te rug gehouden, van de meede werking ter introductie era beëdiging van het geapplaneerd Stads Regeerings Reglement, zoo lange geduurende dit loopende Regeerings Jaar voorfchreeve ontflag uit den Provinciaalen Eed, ten minden voor zoo veel Stads Regeerings befteiling daar in geconcerneerd is, niet zal zyn voorafgegaan. En op dat het te zekerder blyke, dat ik in deezen door niets dan door gezegde gehoudenheid aan voorfchreeven Eed wederhouden worde, declareere ik niet alleen , dat ik by het expireren van dit Regeerings Jaar, op den iaden October aanftaande, het Reglement van 1674 voor zoo veel het betrekking heeft tot deezer Stads Regeering, niet wederom zal bezweeren ofte aanneemen; maar daar te bo. ven, dezelve niet anders zal aanvaarden, dan op den voet van zodanig Stedelyk Regeerings Reglement, het welk als dan zal worden bevonden door door de Burgery, (ten wiens ondanks, ilt althans de Regeeringe niet ambiëre) te zyn goedgekeurd. UTRECHT, den 20 Maart 178Ö. (was geteekent)

A. S. ABBEMA.

Van den Heer S miss aart. De Ondergeteekende, Raad in de Vroedfchap deezer S'ad, de onwettigheid en fchadelykheid van het Regeerings Reglement vaa den Jaare 1674 al' voileedig betoogd en voor altyd uitgemaakc houdende, en daar tegen overreed zynde, dat het geapplsneerdl Reglement op de-zdr Stads Regeerings befteiling , allezims op gronden van billykheid en regtmaatigheid gebouwd , en met Stadfc Aloude en onvervreemdbaare Regten en Previlegieu overeenkomstig is,- en bovendien in aanmerking nemende, dat de Burgery reeds voer heen , met zoo veel woorden , heeft gedeclareerd, den ganfehen Raad dadelyk te ontdaan van den Eed op het zelve Reglement van 1674 voor zoo ver eenige Stedelyke pointen in het zelve werden gevonden, welk Reglemsnt daar en boven door dezelve in dat opzigt als formeel vernietigd geconfideereerrS word, zonder dat de Raaden, volgens het gevoelen van den Ondergeteekenden , eenig ander ontflag van zodainige zaaken, welke zuiver Domtftiek zyn, en waaromtrent geene Scaatswyze verbintenis nog or.ï/3ag te pas koomen, noodig hebben, zoude, wat hem aangaat, als nog bereid zyn, ingevolge van zyne onderfcheiden Adviezen, van den iften October 178S enden idden 1785 tot dewelke hy zig blyft iefererea, het gezegd Stads Reglement met de Burgery aantegaan en wederzyds te beëJige»,

da»

Gg a