is toegevoegd aan je favorieten.

Vaderlandsch woordenboek; oorspronklyk verzameld door Jacobus Kok, Twee-en-twintigste(-negen-en-twintigste) deel. K-M (-V).

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

REAAL. (LAURENS JAKOBSZOON) <ff

heen. Van 's Prinfen tegenwoordigheid bedienden zich de Hervormden, tot het inleveren van een Verzoekfchrift, om vrijheid van Geweeten en onbelemmerde oeffeiiing van den Godrdiensr. Het gevolg hier van was zeker Verdrag, 't welk, aan kant en reaal , in 't bijzijn van den Stadhouder, wierdt ter hand gefield, en inhieldt eene aanwijzing der plaatzen, zo binnen als buiten de Stad, alwaar zij Godsdienflige zamenkomften zouden mogen honden. Dit viel voor in den aanvang des Jaars 1567. Omtrent dien zelfden tijd hadt reaal de hand in het bij een brengen van zekere fomme gelds, ten behoeve van den Heere van brederode , tot vcifterkinge en verzekeringe van de Stad Viane.

Meer en meer begonnen nu de Onroomfchen, te Amfterdam, op de veilige oeffening van den Godsdienst bedagt te zijn. Ten dien einde diende een Verzoekfchrift, op den zeventienden Maart des Jaars 1567 overhandigd. Laurens jakobszoon reaal was een der inleveraaren. Meer dan twee uuren vertoefden deeze in het Torentje, bij Burgemeesteren, ernflig handelende over Geloofszaaken. Der optekeninge wel waardig is het gefprek, welk, bij deeze gelegenheid, tusfchen eenen der Burgemeesteren, simon klaas cops of coppeszoon, voorviel. Onder andere liet deeze zich tegen reaal uit in de volgende bewoordingen : „ laurens jakobs u had ik niet toe„ vertrouwd, dat gij u zei/en zo verre in deeze zaak zoudt „ hebben verloopen, hoewel ik, eer gij trouwde, wel wist „ dat gij Lntherde. Dan 't verwondert mij dat uwe Seboon„ moeder u zulks toelaat, en 't doet mij van haarentwege wees „ want wij zijn lange jaaren goede buuren geweest." Reaal, den Burgemeester gehoord hebbende, gaf daar op het volgende antwoord: „ Mijn Schoonmoeder, die mij in 't zoeken van „ mijne zafgheid niet verhindert, doet als eene wijze Vrouw; „ en 't ware dat uw Zoon jan kops zijn loopen na den Over„ toom, om Delfs bier te drinken, naliet, zich ook ter preeke „ voegde, een eerlijk en tuchtig leeven zogt te leiden, (gelijk „ zijnen fiaat wel zou betaamen) en zo ijverde om zijn eeuwt„ ge zaligheid, ik meen niet dat het mijn Heer de Bnrgemees„ ter zou willen verhinderen." Eenigzins gramftoorig zeide hier op de Burgemeester: „ lk ftond veel liever ten halze toe

«in