is toegevoegd aan uw favorieten.

De kinderen mijner luimen; of Verhaalen en mengelschriften.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NEGENDE HOOFDSTUK. 239

veel van hem door de vingeren, en misfchien zou alles wel afgeloopen zijn, had zijn kwaden engel hem geen ftiefmoeder op den hals gefchoven.

Om de waarheid hulde te doen, kan men niet ontkennen, dat 'er brave ftiefmoeders zijn, evenwel zijn dezelve zoo zeldfaam als brave godsgeleerden. Een zulke zeldfaamheid word van de franfchen genaamt belle -mctre, een zeer krachtig en veel beduidend woord, het welk wij in onze taal misfen. De plaaggeest van Fritz was eene booze ftiefmoeder. Zij haatte den wilden knaap van ganfcher harte, ieder kindfche baldadigheid beftempelde zij met den naam van boosaartig, iedere onbezonnenheid van de jeugd, wilde zij, dat uit een bedorven hart voortkwame. Dit maakte den knaap daaglijks onhandelbarer (*), en dewijl geen fchuld op aarde beter terug betaalt word, dan de haat, zoo vergold hij de liefdeloosheid zijner ftiefmoeder met ftille wraak. Om haar te kwellen was hij fteeds gereed; 't geen hij van haar bederven konde, bedierf hij. Suiker in de boter te fmijten; rotten en muizen optevangen om ze in de provifiekamer over-

te-

(*) De ftiefmoeders ontvolken menige ftad en menig vlek, en bevolken niet minder dan de armoede het land met bedelaars en fchooijers, met huisbedienden en flaven.

De la Bruyere.