is toegevoegd aan uw favorieten.

De Vrouw; veertiendaagsch blad gewijd aan de onderlinge opvoeding der vrouw, jrg 7, 1899-1899, no 25, 04-08-1900

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een Belgisch dokter beweerde dat formol niet desinfecteert, in de beteekenis van bacteiiëndooden. Maar dat het dierlijke geuren voor een tijdlang neutraliseert, dat zal eenieder ondervinden die het gebruikt. My dunkt echter, daar de formol, volgens Dr. R., met de uitwasemingen een scheikundige verbinding aangaat, een zoogenaamde „basis" vormt, wordt de schadelijke geur als 't ware vastgelegd, en is onschadelijk zoolang zij in dien toestand vorVcprt Maar de huid waaroo men het middel

toepast moet volkomen gaaf zijn, want op wonden en teere plekken bijt het erg.

Zooeven lees ik, dat men toevallig ontdekt heeft, dat 5 gram. formol op 100 gram water, hier en daar in schoteltjes neergezet, de vliegen bij honderden doet doodvallen.

Tijdelijke hulp in huisgezinnen.

(AANGEBODEN.)

Voor eenigen tijd werd door een Hollandsche jonge dame het voorstel gedaan tot oprichting eener Vereeniging voor tijdelijke hulp in huisgezinnen.

Zij schreef: Er zijn tal van gezinnen, waar door tijdelijke ongesteldheid der moeder de huishouding in de war loopt. Is die ongesteldheid van langdurigen aard en kan het bekostigd worden, dan komt er hulp, maar in gevallen van tijdelijken aard wacht men af, en — men kan ook zoo moeilijk meestal iemand voor een paar maanden krijgen.

Toch zijn er, dunkt me, genoeg meisjes, die zich zoo'n paar maanden heel nuttig konden maken door r.e komen helpen in een dergelijk gezin. Vooral voor meisjes, die niet altijd in betrekking willen zijn, of die wel eens een verandering noodig hebben in plaats van altijd thuis te zijn, zou zoo'n tijdelijke werkkring heilzaam wezen.

Voor vermoeide huismoeders, die wel gaarne eens een paar weken zouden uit willen, maar voor dien korten tijd geen hulp kunnen krijgen, zou 't in veel gevallen een zegen zijn.

Ik heb zoo'n idee, schreef ze verder, dat wij, Hollandsche meisjes, op déze manier heel wat

zouden kunnen bijbrengen om in verscmneiiue gezinnen orde te houden en dus den viede ei te laten heerschen. En dan, hoeveel rust zal het dikwijls niet geven aan de arme zieke moeder, als ze weet, dat haar man en kinderen niet verwaailoosd zullen worden. Of zoo de vader ziek is en de moeder verplicht bij hem te wezen, de kinderen niet overgelaten zijn aan zichzelven, of — wellicht onverstandige — dienstboden.

In -'t kort: ze verzocht ons aller medewerking tot oprichten eener Vereeniging voor tijdelijke hulp in huisgezinnen.

Thans heeft zich door eenige dames een dergelijke Vereeniging gevormd en biedt zich nu de gelegenheid voor huisvrouwen aan, om tijdelijk een beschaafde dame als hulp te kunnen aanvragen. We gelooven dat er dringend behoefte bestaat aan een dergelijke Vereeniging. Vroeger had ieder nog wel eens een ongetrouwde zuster, nichtje of vriendin, die tijdelijk hulp kon verleenen, maar tegenwoordig, nu vele jonge dames zichzelven een werkkring scheppen, is het getal der jonge meisjes, die eens kunnen inspringen, beperkt.

Toch zijn ze er wel, maar hoe ze te vinden ?

Daarom is er behoefte aan een Centraal

Bureau waartoe men zich in geval van nood kan wenden, dat met de dames die hulp aanbieden in betrekking staat, en van haar leeft ij dr capaciteiten enz. op de hoogte is.

Huisgezinnen waar dergelijke hulp verlangd wordt, en dames die lust en ijver hebben hulp te verleenen en zich daartoe met deze Vereeniging in betrekking willen stellen, kunnen zich om nadere informatiën wenden tot de beide secretarissen der Vereeniging.

Het Bestuur:

Mej. G. H. HOEKSTRA, Presidente,

Arnhem, Frombergstraat 5 B.

Mevr. B. P. PLANTENGA-WIJSMAM, Sec.,, Arnhem, Emmastraat 67.

Mej. CHR. BRANTS, Vice-Secretaresse, Leiden, Vreewijk 2.

Mej. A. G. v. ALDRINGA WICHERS, Ppnn. Arnhem. Stationsplein 4.

Mej. H. W. TICHELMAN, Vice-Penn. te Zetten.

(Delftsche Ort.)

Ingezonden.

Wat de Heeswijksche schatten te zien en te denken gaven.

De Heeswijksche schatten, met zoo veel smaak geëtaleerd, zoo veel mogelijk bij elkaar gevoegd wat tot een bepaald tijdperk behoorde, maakten een grootsclien indruk, en wel van weelde, maar van een soms vorstelijke, bijna altijd degelijke weelde. De vereeniging van degelijk en weelde klinkt vreemd 111 onze ooren, doordat wij in de gefortuneerde standen zoo veel geheel doellooze, soms overladen weelde-artikelen zien, en in de minder gefortuneerde zoo veel bepaald leelijke en geheel overbodige ornamenten of onbruikbare voorwerpen voor dagelijksch gebruik. A\ elk een menigte leelijke vazen, topzware vaasjes, die wanneer men er bloemen in water inzet voortdurend omtuimelen thermometers die niet goed wijzen, gelijmde en opgelegde tafeltjes, die bij de minste temperatuurswisseling "uit elkaar springen, fijne stoeltjes, bestemd om niet op te zitten, leelijke bont gekleurde beeldjes, soms in een compositie die brons imiteert en bij den minsten stoot afbreekt, komen mij hierbij m de gedachten. Veel van die leelijke en onsolide zaken zijn als cadeau ontvangen, het geschenk moest een goede en groote vertooning! maken; en zoo leelt men te midden van voorwerpen, die men nooit voor zich zen zou koopen, maar van welke soort men op zijnbeuit ook weer aan zijne vrienden cadeau geeft. In een jong huishoudentje, als alles nieuw is, maken die

onsolide dingen gewoonlijk nog al een vrij goed figuur, maar hoe lang duurt dit? de minste aanraking van een kinderbandje of van een onhandige dienstbode doet de boel breken of beschadigen, en veel slecht humeur en een gevoel van teleurstelling bij de huisl-.nr.T- ir»V»np< IpI nndp.r hare liandeo

VrOUW, WtlllllCCi uaai ,

verzinkt, zijn daarvan 't gevolg, t Zelfde kan men zeggen van het speelgoed der kinderen ; omdat alles zoo goedkoop is, worden er zoo veel prullen gekocht, zoo veel speelgoed, dat niet lijden kan dat er mee gespeeld of eens mee gegooid wordt; dit nu is net "rootste ongeluk, want het werkt wispelturigheid en ongedurigheid in de hand: kinderen hechten zich aan hun speelgoed, krijgen hunne poppen en paardjes lief. spelen graag maand m maand uit met het zelfde poppenhuis, dat zij door allerlei toevoegingen steeds uitbreiden en volmaken. Zoo deden ziï in vroeger tijd, maar hoe zullen zij nu rustig eenigen tijd met hetzelfde voorwerp spe en, waar dit telkens onder hunne handen breekt, waar trams en spoorwegen in één morgen, bij wat veel rijden, al hun wielen hebben verloren, waar de zoo mooie en fijne meubeltjes bij 't nemen uit de doos reeds hunne pootjes verliezen? Het kind is evenzeer teleurgesteld als zijne moeder over haar meubels, he

MaMHMMMBHHHRmnHHKSnanHHnHBHi