is toegevoegd aan uw favorieten.

De padvinder; algemeen orgaan voor de Vereeniging "De Nederlandsche Padvinders", jrg 3, 1917, no 33, 1917

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE PADVINDER

Manege, links van de Koningslaan) is een groot met gras begroeid terrein omringd door prachtig geboomte. Ineen mooie hoek van het terrein, dicht bij een schilderachtige, oude pomp, werden de tenten opgeslagen en de „Driekleur*4 geheschen. ’t Overige van den middag werd besteed om een veldkeuken te graven en te oefenen voor de Wedstrijden, welke Zondagmiddag zouden plaats hebben, ’s Avonds half zes werd afgemarcheerd naar ’t Berghorst Weeshuis, waar het middagmaal gebruikt werd. (Daar vele Ouders van Padvinders bezwaar hadden tegen het overnachten in tenten, had Z. K. H. „logies“ in orde doen maken in ’t Berghorst Weeshuis, waar wij een aparte Eetzaal en twee Slaapzalen hadden). Te zeven uur werd aangetreden voor een avondoefening, welke op Berg en Bosch plaats had. Bij deze oefening kwamen Smokkelaars, Douanen en spek (een brandende carbidlantaarn) te pas. Daar de stemming zeer goed was en de oefening „reusachtig leuk** gevonden werd, gelukte alles uitnemend. Te half tien kwamen wij dan ook ineen opgewekte stemming weer bij ’t Berghorst Weeshuis aan, waar wij zoo spoedig mogelijk „het wolletje** opzochten. Te half elf sliepen allen. De volgende morgen stonden we om zeven uur op, waarna inde Eetzaal het ontbijt gebruikt werd. Om negen uur trokken we weer naar onze tenten, om voor de wedstrijden te oefenen. Tegen ongeveer half elf verscheen Z. K. H., om de werktuigen, etc., voor de wedstrijden te inspecteeren. Daar Hij vond, dat de klimpaal ,te glad was, werd deze gezamenlijk naar omlaag gehaald, waarna Z. K. H. de paal met een bijl bewerkte (zöö, dat er deuken in kwamen). Daarna werd de paal met magnesia ingewreven en weer rechtop gezet. Te half een werd koffie gedronken in ’t Berghorst Weeshuis, vanwaar te half drie weer naar het kampterrein gemarcheerd werd. Nauwelijks waren we bij ons kamp aangekomen of de Heeren van het Bestuur der Afdeeling Apeldoorn en eenige Heeren Genoodigden (na afloop der Wedstrijden werd een Bijeenkomst ter bespreking van de belangen der Apeldoornsche Padvinders op het Paleis „Het Loo“ gehouden) verscheen op het terrein. Toen te drie uur Z. K. H. arriveerde, werd een begin gemaakt met de Wedstrijden. Allereerst hadden Estafetteloopen plaats, die zeer goed afliepen ; daarna werd overgegaan tot touwtrekken. Onze Prins vond het touwtrekken zoo leuk, dat Hij ook een wedstrijd begon en wel tegen den Heer Jonkers (Gymnastiek onderwijzer, leider der wedstrijden). Tot twee maal toe werd getrokken, echter bleven de kansen gelijk. Daarna werd er nog getrokken door Z. K. H. met de helft der Padvinders aan de eene en den Heer Jonkers met de helft der Padvinders aan de andere kant. De partij, welke door onzen Beschermheer aangevoerd werd had echter geen geluk, zij moest het na een hevigen kamp (het ging immers om de eer van onzen Prins) afleggen. Hierna hadden nog wedstrijden in Mastklimmen, Hoogspringen en Hindernisloopen plaats, welke allen een zeer geanimeerd verloop hadden. Na afloop der Wedstrijden werden de prijzen door Z. K. H. uitgereikt (zóó, dat iedere P. V. een prijs had). Nadat er voor onzen Prins en de Heeren Genoodigden gedefileerd was, trokken we naar Het Paleis, waar we inde nieuwe Schouwburgzaal onthaald werden op chocolade en biscuits. Het is te begrijpen, dat allen ineen zeer vroolijke stemming verkeerden (als ’t er in ’t Paleis niet zoo „deftig** was, waren er zeker wel ettelijke „Hoezee’s** voor onzen Prins de lucht ingegaan) en dan ook zeer voldaan te half zes naar het Berghorst Weeshuis marcheerden. Toen wij onze eigendommen bij elkaar gepakt hadden, werd er aangetreden. Nadat wij onze gastheer en gastvrouw (de Vader en Moeder van ’t Weesthuis) hartelijk bedankt hadden (weer werden eenige „Hoezee’s** achtergelaten), werd ingerukt, waarna een ieder, zeer vermoeid, zooals wel te begrijpen is, „huistoe** ging. Zoo was dus ons einde-week-kamp op „Het Loo“ alweer voorbij, maar . . . nog niet uit de herinnering. Om het nu niet met den heer Redacteur aan den stok te krijgen, zal ik zeer kort zijn: Zondag 30 Sept. Vendeloefening, installatie vaneen Padvinder; Zaterdag 5 Öct. Troepraad; Zondag 6 Oct. Patrouilleoefeningen. Alle Zaterdagen hadden oefeningen voor Adspirant-Padvinders plaats. Spoedig examens. F. L. TIETHOFF. * * * ARNHEM. De oefeningen in sport, Dinsdagavond gehouden, zijn nu afgeloopen en hebben plaats gemaakt voor theorie ’s avonds in het clublokaal en gymnastiek, ordeoefeningen op Woensdagmiddag inde gymnastiekzaal op den Janssingel. Voor eenige weken kwamen hier de troepvlaggen, aan ons door den Watersport! Handleiding Zwemmen . . 35 cent Handleiding Roeien 45 „ Handleiding Zeilen 50 „ Training Roeien en Zwemmen 35 „ Water Polo 35 „ Zwem- en Duikoefeningen 35 „ Motorbootsport 60 „ Droogzwemmen 25 „ In Boek- en Sporthandel of na ontvangst v. postz, fr. door J. F. van de Ven – Baarn

Prins geschonken en dankbaar aanvaard. Zondag a.s. zullen ze plechtig worden uitgereikt. Den laatsten dag van de maand konden onze padvinders nog juist een bezoek brengen aan de vischkweekerij en het aquarium van de Nederlandsche Heidemaatschappij. Deze inrichtingen liggen aan den Zijpschen weg en de Sonsbeek stroomt er door, de vischbakken en vijvers worden voortdurend van versch water voorzien, wat vooral voor de jonge forellen van belang is. Bij honderden zwemmen ze inde zoog. Strekvijvers rond en wanneer de opzichter scheppen fijngehakt afval van het slachthuis in het water smijt gaande visschen er gulzig op af en springen boven het water uit om een hapje machtig te worden. In het aquarium zagen we zeelt, paling, forellen, gondwinde en enkele reusachtige karpers tusschen de waterplanten rondzwemmen. De visscherij is iets dat steeds de groote belangstelling geniet van onze jongens. De meest alledaagsche visschen zijn dan ook natuurwonderen wanneer men ze statig en kalm tusschen de waterplanten ziet zwemmen. Als het voorjaar komt en de vischeieren komen uit, zoodat duizende kleine vischjes door de broedbakken schieten, wanneer het vreemdsoortig kuit van de baars en de eieren van snoek, forel en karper te zien zijn, neem ik jong Arnhem nog eens mee! DE KONING. * * * BREDA. Eindelijk komt ook eens Breda op de proppen. Na langen tijd van verval is de afdeeling Breda gelukkig weer wat opgekomen. We hebben tenminste weer 1 troep bij elkaar getrommeld, dank zij de jongens en leiders. Al is onze troep nog jong en zijnde meeste jongens nog maar pas beginnenden, de goede wil zit er al vast ingeworteld en deze doet wonderen. Hierdoor, en door de goede leiding komt het dan ook, dat de meeste oefeningen er prettig zijn. Jammer dat er toch nog altijd een paar jongens zijn, die in ’t vervelen schijnen les genomen te hebben. Ook ons bestuur bestaande uit de heeren: Baron E. O. J. M. van Hovell tot Westerflier (eere-voorzitter) Mr. F. E. Pels-Rijcken (voorzitter), A. J. Houtzager (secretaris), G. J. Seegelaar (penningmeester), Jhr. Mr. E.v. Meeuwen, W. Froger, H. W. Venker, E. Pollen, J. H. Fruijt van Hertog (hopman), werkt hard voor onze troep. Vooral ’t bestuur heeft gezorgd, dat we een goed en ruim clubhuis kregen, dat we echter tot onze spijt den Isten November weer moeten verlaten. Doch daarom niet getreurd, want we hebben kort geleden onze burgemeester in ’t bestuur gekregen als eere-voorzitter. Deze zal er, hoop ik, wel voor zorgen, dat we een nieuw clubhuis krijgen. Een vast clubhuis tiebben we dus eigenlijk nog niet. Een paar weken geleden, kregen we onverwachts een brief van onze hopman, kapitein Keijzer, die ons daarin schreef, dat hij eerder dan hij verwacht had, naar het veldleger was overgeplaatst. Het speet ons allen zeer, want deze hopman was de afgod geworden van de troep, door zijn innemend, en toch flink optreden, 'p de laatste bestuursvergadering, die hij met verlof zijnde, meemaakte, reikten de patrouille-leiders en onze tweede vaandrig, hem, namens de heele troep, een vergroote photo van onze afdeeling over. Hij bedankte ons hartelijk voor ’t geschenk en beloofde, het op een eereplaats te zullen ophangen. Met P. V. groeten, J. A. J. de B. ♦ ♦ * ENSCHEDE. Nu zullen dan eindelijk de lezers van het Maandblad ook eens iets van de afdeeling Enschedé hooren. October 1916 begonnen vaandrig Dalenoord en ik met pl.m. 10 jongens geregeld Zaterdags te oefenen. Elke week kwamen er zich nieuwen aanmelden tot onze troep pl.m. 20 jongens telde. Met deze nog ongeoefende troep gingen wede lange winter tegemoet. Flink hielden ze vol en ondanks den winter verloren ze niets van hun enthousiasme. Dank zij de vriendelijke hulp, van de afdeelingen Almelo en Hengelo, die eenige malen met vaandels en muziek met ons door Enschedé marcheerden, verdween de vrees, dat onze afdeeling weer spoedig van het tooneel zou verdwijnen, bij de ouders al meer en meer. En tegen Kerstmis bezaten al de jongens een pak. Inde Kerstvacantie kregen we een clublocaal en spoedig vingen we toen aan met een 2de klas opleiding. Begin Maart slaagden er vijf voor dit examen, dat te Buurse gehouden werd. Den 19e Mei werden dertig padvinders geïnstalleerd, waarbij de afdeelingen Almelo, Hengelo, ■ ■ Lagemann & Wiggermann Singel 36 – AMSTERDAM- Tel. Noord 6110 Fabriek van Uniform-, Sport-, Tropen- en Bedrijf kleed ing

1106