is toegevoegd aan je favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1819 (Mengelstukken), no 10

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dvèroè overeènk. y.Q.H.FRANClSk.met d.zaligm. 46?

*« zijne broeders hebben gedaan: deze hebben adn meet 'dan duizend blinden het gezigt terug gegeven, meer dan duizend kreupelen genezen, meer dan duizend dooden opgewekt. De Spanjaard fpreekt op eene eenigzins jpeer gematigde wijze, ten minfte met betrekking tot lommige wonderwerken. De Heiland, zegt hij, vastedé Veertig dagen in de woestijn; st. franciscus deed hetzelfde; maar nederigheidshalve, at hij een brood bij het aanbreken van den veertigften dag, uit vreeze dat ^en zou gelooven, dat hij zich aan J* C. gelijk had billen maken.

Toen de Heiland in de woestijn ging, kwam tot hem *ene groote menigte dieren, welke hem aanbaden* **t. franciscus, bij den berg Alvernus gekomen zijnde, kwam hem insgelijks eene groote fchare vogelen le gemoet, welke hem met derzelver welluidend gezang °otvingen. Toen eerstgemelde op palmzondag zijnen 2egevierenden intogt binnen Jeruzalem deed, bogen de Palm- en olijfboomen als uit eerbied hunne takken.

franciscus met zijne twaalf leerlingen Rome binden tredende, boog een boom van eene aanmerkelijke ?°°gte, zijne kruin insgelijks ter aarde, om hem zijn Compliment te maken.

, Maar zie hier een' trek van Spaanfche fijnheid, wel« ^e, mijns inziens, al hetgeen, wat wij tot nog toe gelen hebben, moet uitwisfchen. De Heiland genas het °or van malchus, hetwelk in het Hebreeuwsch koning Veekent; st. franciscus heeft een wonder gedaan, etwelk daaraan geëvenredigd is. Zijne legende leert jpï» dat hij malaChadin, Sultan Van Egypte bekeer* Daar nu het geloof uit het gehoor is, zoo is hem '5 beke eren, zijn oor te genezen, gelijk de Heiland aati "^tcHus deed.

J^das verried zijn' meester, en verhing zich uit ^ 'hhoop: indien een fcliilder dit op het paneel wilde ïengen? zou jn je gefchiedenis van st. francisc s een' tegenhanger kunnen vinden. Johannes vai* j^fcLLA, een zijner eerfte leerlingen, verwurgde zich $ afvallig te zijn geworden. —— Ziedaar genoeg, en welligt reeds te veel, mijnheer! dj[er dit befpottelijk Werk. Hetzelve is zoo zeldzaam , den ' naar aile waarlchijiilijkheid, u nimmer in hanün vallen. Dit heeft mij genoopt u hetzelve eenig» In zijne bijzonderheden te doen kénnen. Men beGg a waart