is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1979, no. 101-150, 01-01-1979

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

neelsbeleid zal worden gevoerd, wordt niet beslist dan nadat daarover met deze commissie overleg is gepleegd. Overleg vindt niet plaats over die aangelegenheden, welker behandeling is voorbehouden aan het overleg bedoeld in het vorige artikel.

Artikel 140

1. De centrales die zijn vertegenwoordigd in de Centrale Commissie voor Georganiseerd Overleg in Ambtenarenzaken zijn elk bevoegd tot aanwijzing van ten hoogste twee leden en twee plaatsvervangende leden in de in het vorige artikel bedoelde commissie. 2. Schorsing dan wel intrekking van de toelating tot het in het vorige lid genoemde overleg heeft van rechtswege schorsing dan wel intrekking van de toelating tot het overleg in de commissie tot gevolg. 3. De voorzitter van het overleg kan een ambtenaar die door een centrale als lid is aangewezen uitsluiten van deelneming aan het overleg, indien naar de mening van het tot aanstelling bevoegd gezag het dienstbelang dit in verband met diens werkzaamheden als ambtenaar vordert. De uitsluiting geschiedt niet nadat het bestuur van de desbetreffende centrale over het voornemen daartoe is gehoord en het advies van de overige leden van de commissie daarover is ingewonnen.

Artikel 141

Het overleg met de commissie staat onder leiding van een persoon door het tot aanstelling bevoegd gezag uit zijn midden aangewezen. Het tot aanstelling bevoegd gezag wijst tevens een plaatsvervangend voorzitter aan.

Artikel 142

De voorzitter van het overleg wordt terzijde gestaan door een secretaris, die door het tot aanstelling bevoegd gezag na overleg met de commissie wordt aangewezen.

Artikel 143

1. Indien dit voor de behandeling van een bepaald onderwerp nodig wordt geacht kan een werkgroep worden ingesteld, bestaande uit door de voorzitter en de commissie aan te wijzen leden. 2. Artikel 147 is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 144

Het overleg wordt gevoerd op plaats, dag en uur door de voorzitter te bepalen. Indien de vertegenwoordigers van ten minste twee in de commissie vertegenwoordigde centrales, onder vermelding van hetgeen zij behandeld wensen te zien, verzoeken daartoe een vergadering uit te schrijven, vindt deze binnen 14 dagen plaats.

Artikel 145

De commissie wordt tijdig, in de regel 14 dagen van tevoren, ter vergadering opgeroepen. De oproepingsbrief vermeldt zoveel mogelijk de te behandelen onderwerpen en gaat vergezeld van de daarop betrekking hebbende stukken.

Artikel 146

Elke centrale heeft het recht onderwerpen ter behandeling aanhangig te maken door deze schriftelijk op te geven aan de voorzitter. Deze stelt de onderwerpen zoveel mogelijk in de eerstvolgende vergadering aan de orde.