is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandschrift van het Centraal Bureau voor de Statistiek = Revue mensuelle du Bureau Central de Statistique du Royaume des Pays-Bas, jrg 7, 1912, no 5, 30-05-1912

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Middelmatig budget (timmerman).

(Budget moyen.)

Uitgaven voor Totaal-uitgaven per jaar.

voeding. {Dépense totale par année.)

(Depenses de nourritiire.)

Jaren. Wiin en ~ A Huishuui. Wijnen Verbou- Zonder wiin Verhou-

(Années.) ^Tker <&•»■) suiker dingscijfer. ^nmikïï. dingscijfer.

inbegrepen. ,inbegrepen. {IndM {Sansv>net (Indice.)

SUCre-] ^^"1(1898-1902 = 100) (1898-1902 = 100)

fr. fr. fr. fr. fr.

1839—1S43 967 830 189 1 156 86 1 019 86

1850—1854! 952 790 205 1 157 86 995 84

1861—1865 1 096 ^ 890 240 1 336 99,5 1 130

1876—1880 1 224 1 016 277 1 501 111 1 287 109

1887—1891 10.96 889 300 1 396 104 1 1§9 100,o

1898—1902 1 029 868 315 1 344 100 1 183

1907—1908 1 030 952 325 1 355 101 1 277 108

Dat het totaal-bedrag over de jaren 1899-1902 en 1907—1908 ongeveer stationnair blijft, wordt veroorzaakt door de daling van den wijnprijs (315 Liter in dit budget), welke daling een tegenwicht vormt tegen de stijging in prijs van andere artikelen. Laat men integendeel wijn en suiker buiten beschouwing, dan stijgen de totaal-uitgaven van 1898—1902 tot 1907—1908 met 8 pCt.

De volgende tabel geeft, in afgeronde cijfers, een globaal overzicht van de totaal-uitgaven van een arbeidersgezin (met onveranderd gebleven levenswijze) gedurende het tijdvak 1810—1910.

Uitgaven voor „ • v. Totaal-uitgaven Verhoudingscyfer.

Jaren. volding enz Huishuur. per jafr. (1900 - 100)

1810 890 100 990 74

1820 950 120 • 1 070 80

1830 985 145 1 130 83,5

1840 960 175 1 135 85,5

1850 950 200 1 150 85,5

1860 1 060 225 1 285 95,5

1870 1 130 255 1 385 103

1880 1 200 ' 280 1 480 110

1890 1090 300 1390 103

1900 1 030 315 1 345 100

1906 980 325 1 305 99

1907 1020 330 1 350 100

1908 1 040 335 1 375 102 1910 1 060 340 1 400 104

De verlaging van den wijnprijs na 1900 met fr. 0,19 per L. vertegenwoordigt een bedrag van fr. 60 per jaar in de laatste tabel, voor zoover betreft de jaren 1906 1907 en 1908. Voegt men dit bedrag toe aan de totaalsom der uitgaven, dan zou het index-cijfer voor 1906 101, voor 1907 104 en voor 1908 106 worden. Daarmede zou echter nog niet het totaal bereikt zijn, dat voor het jaar 1880(110) is berekend.

Een viertal grafische voorstellingen brengen ten slotte den loop van de loonen, de koopkracht van het loon en de jaarlijksche uitgaven gedurende het behandelde tijdvak aanschouwelijk in beeld. De koopkracht van het loon, afgeleid uit de verhouding tusschen het loon en de uitgaven van een arbeidersgezin bij onveranderde levenswijze, was (1900 = 100) in

1810 55,5 1870 69

1820 53,5 1880 74,5

1830 54 1890 89,5

1840 57 1900 100

1850 59,5 1905 104,5

186Ü 63 1910 106