is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijd en taak; religieus-socialistisch weekblad, jrg 45, 1947, no 43, 02-08-1947

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een kwestie van leven en dood

Dat de film „A matter of life and death” me geheel en al heeft geboeid kan ik niet zeggen; wél, dat ik biij ben dit knappe en ver boven de huidige middelmaat uitstekende werk aan te treffen onder de kost die het gewone bioscooppubliek wordt voorgezet. Maar geheel innemen kon de film mij niet, niet qua techniek en niet qua inhoud. Wat het eerste betreft: aan de kieurenfilm kan ik niet wennen, zolang ten aanzien van dit punt dezelfde principiële fouten worden begaan als in het begin van de fiim in het algemeen het geval was: film is geen gefotografeerd toneel, maar een afzonderlijke kunstvorm die haar eigen mogelijkheden en middelen heeft, en alzo is ook het toepassen van kleuren in de film gans iets anders dan het tonen van , échte rhododendrons, rossige mannenhaarden, rode lipjes en vurige steekvlammen. Voorts kwam hierbij het feit, dat men déze wereld ons zeer kleurig voorzette en de andere —■ ik durf niet zeggen: de hemei zeer grauw en effen; ik denk mij dat nu eenmaal precies omgekeerd, zij het dan ook in betere kleuren gerealiseerd dan hier het geval was met de aardse werkelijkheid. In het begin van de film hinderde dat me het minst, daar waar de camera door het heelal rent, nevelblauw en spiraalwit maar hier ligt ook de aanwijzing voor het ware gebruik van kleur in de film: geen plakplaatje in werkelijkheid, maar ook de kleur gebruikt voor het scheppen van een nieuwe, filmeigen, werkelijkheid.

Het verhaaltje. Een oorlogsvlieger valt uit zijn brandend vliegtuig, niet anders denkend dan dat hij verloren is; wordt behouden, hij weet zelf niet hoe, maar heeft een interne biessuur aan het hoofd opgelopen, die op de duur een operatie nodig maakt. Een jonge dokter heeft, zijn geval dóór en helpt hem, totdat hij zelf, vlak voor de operatie, omkomt door een motorongeval. Het complex dat in het gekwetste hoofd van de oorlogsvlieger zich voordoet is dit: Eigenlijk hoor ik dood te wezen, maar ik wii leven; wie pleit mij nu vrij voor het bovenwerelds tribunaal waar de dood zijn rechten op mij geldend maakt? Ziedaar, het gegeven. Het opmerkelijke is, dat dit eigenlijk heel weinig met de dood heeft te maken. Deze film handelt nauwelijks over de dood. Al meer over de doodsangst. Maar dat is nog maar de buitenkant van de zaak. De vraag waar alles om draait is van de vlieger: hoe kom ik aan een advocaat die ginds voor mij pleit?

Deze pieitbezorger vindt hij in de intelligente en gevoeiige dokter die omkomt vlak voor de zware operatie plaatsvindt, in welker verloop dan de bovenwereldse werkelijkheid binnenschuift in de onze en men het tribunaal meemaakt dat de discussie voert over het lot van de vlieger. Maar het hoogtepunt van de film is zonder enige twijfel niet dat tribunaal, maar het moment waarop de zieke, viak voor de operatie, verneemt dat zijn vriend, de dokter, dood is. De diepe iach van bevrediging en verzekerdheid die dan zijn gelaat overtrekt, en die de omstanders met bevreemde ontzetting vervult, is dat hoogtepunt: hij weet nu een advocaat te hebben, de beste pieitbezorger die denkbaar is, omdat deze man degene was die zijn geval volkomen begreep en doorzag. De verhandeling zelf daarna, voor het tribunaal, valt (noodzakelijk) tegen: er worden wat zeer algemene dingen over liefde en zo beweerd, met enkele geestige momenten waarin het

gaat over het antagonisme tussegi Engelsman en Amerikaan.

Dat is de kwestie van leven en dood: hoe kom ik aan een advocaat, een pleitbezorger, een middelaar? En het merkwaardige is, dat deze kwestie in de kerk nu niet bepaald onbekend is geweest door alle eeuwen heen. Het is ontdekkend als heden in de fiimtaal weer vormen opduiken die de occupatie van de moderne mens verraden met zulke ouderwetse en orthodoxe zaken als: middelaarschap, verzoening, vrijspraak. De moderne kwestie van leven en dood is geen andere dan die een Luther reeds in dezelfde angst dreef rondom de vraag: hoe krijg ik een genadige God? En daaruit zou kunnen volgen, dat deze film me niet geheel kon boeien, omdat de meest gebrekkige greep, die deze momenten bevat, nochtans moderner, zakelijker en actueler is dan de meest geraffineerde avantgarde-fiim. De preek is zelfs barmhartiger dan de film dat kan zijn, omdat ze de mens niet in spanning (sensatie) laat, en noemt pleitbezorger en wijst Hem aan: Jezus Christus. En de vreemde lach waarmee de zieke oorjogsvlieger zijn zware operatie tegemoet gaat, wordt duizendvoudig nog steeds gevonden in de onopvallende verborgenheid daarin mannekens en vrouwkens zich wekelijks plegen te schikken tot het luisteren naar een man, als hunner één, die deze Naam uitroept over de kwestie die zij, als wij allen, hebben inzake leven en dood. Men moest bezoekers van deze film na afloop een kaartje in de hand drukken met daarop: Het rechte van dit belangwekkende verhaal kunt gij horen a.s. Zondag in die en die kerk! Want de beste dienst die filosofie en kunst de mens kunnen bewijzen is deze, dat zij hem voeren tot de rand zijner eigen mogelijkheden. Daarom moeten we dankbaar zijn voor deze film.

F. R. A. HENKELS.

Leestafelnieuws

Dr. H. Berkhof: De kerk en de fceiser, uitgave Mij. „HoUand” te Amsterdam, 182 blz. prijs ?

Over dit boek is veel goeds te zeggen. Allereerst de vakman, i,c, de kerkhistoricus kan er zjjn profijt uit trekken. Het gaat over de strijd tussen kerk en staat in de IVe eeuw. Het is een oorspronkelijke studie, berustend op zelfstandige kennis van de historische bronnen. Wie voor dit onderwerp interesse heeft, zal voortaan, naast het standaardwerk van Batiffol, dit boek moeten lezen. Maar ook de ontwikkelde leek kan er ongemeen genoegen aan beleven. Ik stel me een lezer voor, met een ruime belangstelling, die in de vacantietijd eens een boeiend historisch boek wil lezen, dat hem in ’t verleden verplaatst, maar tevens hem over het heden doet napeinzen. Hem raad ik dit boek in t volste vertrouwen aan. Vraagstukken als dat over de christelijke verdraagzaamheid, over de oorsprong van de ketter-vervolging en inquisitie, en heel wat anders: over het begin en de reden van de scheiding tussen Oost en West, vinden hier een prachtige, historische belichting. Wat Huizinga 'beknopt doet in „Geschonden wereld”, een onderzoek naar Oost en West als cultuurhistorisch contrast, vindt ge hier leerzaam ontwikkeld. Die lezer zal dan wat beter voortaan verstaan, waarvandaan het verschil komt tussen de Russische kerk en het Westers Christendom en hij zal aan ’t nadenken gezet worden over de taak van de staatsoverheid in haar samenwerking met de kerk. De erkenning, dat in het verleden het heden ligt, is in ons land te veel lippendienst. En wellicht komt hij er toe iets meer te willen weten van de prachtige figuren, die in dit boek optreden: Origenes (helemaal rechtvaardig gekenschetst?), Athanasius, Ambrosius en Augustinus. Ik wens hem succes. . J.G.B.

Gerard Brom: Gesprek over de eenheid van de kerk, met proloog van G . Kreling O.P. Uitgave Urbi et Orbi A’dam 1946 334 blz. ƒ 5.90

In de gemeenschappelijkheid van nood en verzet zijn Protestant en Katholiek elkaar misschien nader gekomen dan ooit te voren en het gesprek, dat reeds voor de oorlog aarzelend begonnen was, wil prof. Brom nu van R, Katholieke zijde voortzetten. Hij presenteert nu aan zijn Protestantse medeburger de boodschap van zijn geloof. Vrucht van een levenslange studie, Brom heeft bijna altijd op de grensgebieden tussen de beide religies gewerkt en van een voor een Katholiek opvallend —■ irenische gezindheid, die niet schroomt de Protestant soms te prijzen, de Katholiek te laken, is dit boeiend geschreven boek voor de Katholiek een rijk arsenaal, voor de Protestant een uiterst leerzaam document. Men kent elkaar aan beide zijden van de grens veel te weinig. Brom wijst welsprekend op het gemeenschappelijk bezit, hij kent het Protestantisme uitnemend, waarmee ik maar zeggen wil, da hij alles bezit, om de opzet van dit boek tot een goed einde te brengen, als het mogelijk was Maar zijn droom om de scheiding te overwinnen lijkt mij tevergeefs. Bij de lectuur van een dergelijk boek beseft men pas, hoe diep de afgrond is,, die beide concepties van het christendom scheidt, waarbij met nadruk dient vastgesteld te worden, dat het Protestantisme per definitie een zekere openheid heeft en een beweeglijkheid, het grootst bij het z.g. Vrijz. Protestantisme, dat prof. Brom, oudergewoonte bij Katholieke polemisten, en bagatelle behandelt die het R, Katholicisme ten enenmale mist. Wilt ge een bewijs? Prof, Brom nodigt door dit boek de Protestanten uit kennis te nemen van zijn R, Katholieke visie; hij weet, dat een Katholiek een soortgelijk boek van een Protestants theoloog niet zou mogen lezen, tenzij de man dispensatie heeft van de Index. Wij durven dit boek in gemoede onze Protestantse lezers aan te bevelen. Zij zullen er in kennis kunnen nemen van een boeiend type Christendom, dat het hunne niet is, maar hun wel veel te leren geeft. J.G.B.

Prof. dr. F. W. A. Korff: Niemand heeft ooit God gezien. Uitgave J, N. Voorhoeve Den Haag 1946 59 blz, ƒ 1.75

De opzet van dit boekje, eerder verschenen als hoofdstuk in het boek „Dingen van waarde in ons leven”, Is antwoord te geven op de vraag van Kierkegaard: „Hoe kunnen wij onze eeuwige zaligheid bouwen op een historisch bericht?” Het antwoord op deze vraag voert tot een betoog over de betekenis van de bijbel. Ik las in een recensie over dit boekje: „’t Geluid van de overleden hoogleraar was klaar, doordacht, streng.” (In de Waagschaal 14 Mei ’47), Zo is het. En wie zich bezinnen wil op de grondslag van zijn Protestantse geloof, kan bij dit boekje te rade. Aanbevolen.

OPROEP ten behoeve van gewetensbezwaarden i.a. militaire dienst. In het kamp „Leeuwenpolder’’ ie Usquert, waar thans de erkende gewetensbezwaarde dienstweigeraars vertoeven, bestaat een schrijnend tekort aan goede lectuur. Wie hierin wil voorzien door toezending van boeken, abonnementen op tijdschriften, geldzending om deze gedetineerden zelf een boek te laten aanschaffen naar eigen keuze, wende zich tot de heer KI. R. Schwarts, Cortingrhlaan 3 Groningen

Jongeman, 27 J., boelthouder iiiandelskantoor, zou ga.arne op admintetratief SOCIAAL GEBIED werkzaam willen zijn, liefst Amsterdam of omgeving, teneinde meer bevrediginglnzijn werk te vinden. Waar kan hij over enige TUD een. dergelijke TAAK vinden? Br. ond. No. A 1233 bur. van dit blad.

Voor Goud en Zilver IVan Di I Steenweg 39 – Utr

Advertentietarief T IJ D EN TA. 15 cent per m.m.