is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad der Vereenigde Nederlanden; opgerigt bij besluit van zijne Koninklijke Hoogheid den Heere Prinse van Oranje-Nassau, soeverein vorst der Vereenigde Nederlanden enz. enz. enz. van den 18 december 1813 no.5, 1815, 01-01-1815

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De oproeping van den landstorm zal, indien de Staten^eneraal niet vergaderd zijn, gepaard gaan met eenebuiten8f-Wone bijeenroeping van dezelve, ten einde van het verr,êle opening te geven en de verdere daartoe betrekkelijke öia.itregelen met de vergadering te beramen.

Wanneer de landstorm gebruikt wordt tot het bezetten. Van posten , het formeren van een blocus of beleg en andere militaire diensten, zullen aan de officieren , onder-officieren. eQ manschappen, van 'slands wege, dezelfde traktementen en. ëagie worden betaald en dezelfde vivres uitgedeeld welke die van de staande armee genieten; zij zullen ook in dat geval, ten aanzien der krijgstucht, met de staande armée en nationale militie gelijk gesteld worden.

14. Zij die tot den persoonlijken dienst in de schutterijen niet worden opgeroepen, vrouwen aan het hoofd van een huisgezin staande daaronder begrepen , mitsgaders die welke van denzelven dienst, ingevolge de bepalingen van art. 12 Worden vrijgesteld, zijn gehouden eene contributie te bellen tot het vinden van onkosten derzelve schutterijen.

15. Zij die, tot den persoonlijken dienst opgeroepen zijnde , geene redenen van absolute vrijstelling, bij deze wet hepaald, kunnen bijbrengen en echter, om gewigtige belangen en redenen, wenschen vrijgesteld te worden, zullen Voor die vrijstelling eene verhoogde contributie , bij wijze van uitkoop y betalen.

Het gewigt dezer belangen en redenen zal worden beoordeeld door den krijgsraad, gezamenlijk met het bestuur deihoofdplaats van het kanton , en die zich door hunne uitspraak *flogt bezwaard achten, zal de bevoegdheid hebben van zich

adresseren aan de Gedeputeerde Staten, bij welker beslisshig de zaak in allen geval zal blijven berusten.

. 16. Zij die, zonder wettige redenen van verschooning ll)gebragt te hebben, bij de eerste oproeping tot de inschrijving voor den schutterlijken dienst afwezend blijven, zullen Verbeuren eene boete van drie guldens; ten tweede male °pgeroepen en niet gecompareerd zijnde , doch goede redenen van verschooning ingebragt hebbende , eene boete van zes Ruldens en eindelijk bij eene derde oproeping, zonder goede ïedenen van verschooning afwezend blijvende, door den krijgs-