is toegevoegd aan uw favorieten.

Staatsblad van het Koningrijk der Nederlanden, 1824, 01-01-1824

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEDE AFDEELING.

Op hoedanige wijze erfdienstbaarheden, worden daargesteld.

22. Erfdienstbaarheden worden daargesteld of door eenen titel of door verjaring.

23. De titel van aankomst van eene erfdienstbaarheid, moet in de daartoe bestemle openbare registers worden overgeschreven.

24. De vooitdurende zigtbare erfdienstbaarheden kunnen, zoo wel door titel als door verjaring van dertig jaren verkregen worden.

25. De eigenaar van een lager gelegen erf, die van de bron van een hooger liggend erf gebruik maakt, begint zijne verjaring niet dan van het oogenblik, waarop hij zoodanige uiterhjke werken heeft gemaakt en voleind, welke tot bevordering van den val, of van den loop der waters op zijnen eigendom bestemd zijn.

26. De voortdurende en ter gelijker tijd onzigtbare erfdienstbaarheden , zoo als ook de niet voortdurende , hetzij dezelve zigtbaar of onzigtbaar zijn, kunnen slechts bij eenen titel worden daargesteld. Het bezit, zelfs sedert onheugelijke jaren, is niet voldoende om dezelve te verkrijgen.