is toegevoegd aan je favorieten.

De delver; het vrije kunstorgaan, jrg 14, 1940-1941, no 7, 1940

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INSPIRATIE

Toen mij gevraagd werd hier vandaag iets te willen zeggen over Inspiratie op het gebied der muziek, heb ik dit gaarne aangenomen, omdat 1° de muziek in de keten vrijwel ontbreekt en 2° omdat er toch geen kunst is, waarbij meer over inspiratie gesproken wordt.

Als U een componist een, die volkomen eerlijk is en zich niet opblaast zoudt vragen: „Hoe komt het, dat je componeert?" ~En hoe komt het, dat jij alleen maar bij buien werkt, terwijl je collega de muziek om zich heenstrooit als 'n lawine de sneeuw?" dan zou hij het U niet weten te zeggen. Evenmin zou hij weten, wddr z n inspiratie vandaan komt. Alles is hier onzeker en niet meer dan „veronderstelling".

Maar 'n zekere voorstelling zal hij er toch wel over hebben; er zullen er duizenden zijn.

Ook ik kan U nu niets méér geven dan 'n veronderstelling en wel de mijne.

Twee krachten komen er bij te pas n.l. die, welke tot scheppen aan z e t en die, welke werkt onder het scheppen. Ik zou die dan willen noemen de lagere en de hogere inspiratie, de eerste vrijwel steeds „aard-gebonden", de tweede hemels. In de meeste gevallen kan de een niets bereiken zonder de ander. En zelfs samen kunnen zij niets bereiken, wanneer de ontvanger niet goed is. Zij hebben n.l. den componist nodig; hij is de ontvanger.

En nu wil ik met U deze wondere werking vergelijken met die van de ons zo vertrouwde Radio, waarvan we véél maar niet alles weten, al was het alleen maar, dat wij niets begrijpen van de beweging der geluidgolven door de hypothetische aether.

Ook hier is 'n ontvangstation; de radiokast met er in 'n allerfijnst weefsel van draadjes, lampjes, enz. Er is verder 'n antenne en 'n zender en naarmate de zender goed en sterk is, de antenne in orde en de apparaatjes in de kast prima werken, werkt het geheel.

Stellen we het nu zo; de kast, min of meer mooi, is de uiterlijk zichtbare componist; de radertjes en draadjes zijn de hersenen met de bepaalde kronkels tot muzikaal denken gevormd en het hart. De antenne dat is de altijd waakzame Geest, uiterst gevoelig voor indrukken, die zij overbrengt op de even gevoelige hersenen. Blijft: de zenderl Die Groote Onbekende is en blijft het mysterie.

Gaan we terug naar 't punt van uitgang, de twee soorten inspiratie dus. De aardse is dan „het moeten schrijven", „het