is toegevoegd aan uw favorieten.

Doopsgezinde bijdragen, jrg 1, 1867, 01-01-1867

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

menigvuldigt ouder de handen van die het uitreikt, en hij wordt met allen verzadigd.

Het jaarverslag is als een open brief, die onder de broederen rondgaat, 't Zou zijn nut kunnen hebben , wanneer de ijverige secretaris het niet bij eeu (wat al te breedvoerig) jaarverslag liet, maar met korter tusschenpoozen door een broederlijk woord van mededeeling en opwekking, zoo hartelijk en goed als wij weten dat hij het kan, de betrekking met ons levendig hield!

Wij zien voorts op dit jaarboekje. Het kome in aller handen! De //Doopsgezinde lektuur" is opgehouden. Is er geen behoefte, geen verlangen aan een orgaan onder ons ?

Aanbevelingswaardig is de oprigting van een (loopsgezind maandschrift, gelijk de //Mennonitische Blatter" in Duitschland. Wij hebben immers bekwame schrijvers onder ons genoeg tot medewerkers, om het belangrijk te doen worden. Waarom moeten andere tijdschriften gedijen door de pen onzer broeders, terwijl onze kerkgemeenschap een orgaan mist? Het honderdtal onzer gemeenten hier te lande zou een voldoend debiet kunnen opleveren, om deze onderneming, op de regte wijze beproefd, te doen gelukken.

Zegenrijk mogen nog langen tijd geschriften nawerken als die van prof. Hoekstra in zijne vorige periode: Geloof en leven, Geloof des harten, enz.

Welligt kunnen wij nog meer doen om onze kerkgemeenschap tot leven en bloei te brengen, en alzoo het rijk Gods te helpen komen. Ieder kenne zich zeiven en