is toegevoegd aan uw favorieten.

Landbouwkundig tijdschrift; maandblad van het Nederlandsch Genootschap voor Landbouwwetenschap, jrg 50, 1938, no 614, 1938

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De studie der plattelandscultuur en ons landbouwonderwijs.

door H. RAMAER, Lector aan de Landbouw Hoogeschool. Het artikel getiteld „de Landbouwhoogeschool en wij” door den heer G. J. Ruiter geschreven in het aan de herdenking van het 4e lustrum dezer inrichting gewijde nummer 282, 2e Jaargang, 9 Maart 1938 van het „Agrarisch Nieuwsblad, een artikel waarvan de strekking geheel inde lijn ligt van mijn streven mede te werken tot het opwekken van belangstelling in landbouwkringen voor de studie der plattelandscultuur (zie mijn beschouwing in hetzelfde nummer over de beteekenis van die studie aan de Landbouwhoogeschool), geeft mij gereede aanleiding in dit maandblad de aandacht der lezers te vragen voor dit wel zeer belangrijke, doch tot nogtoe verwaarloosde deel der landbouwwetenschappen. Na een woord van lof aan de landbouwwetenschap en de -techniek, welke veel hebben bijgedragen tot het bereiken van het hooge peil waarop de Nederlandsche landbouw thans staat, wijdt de heer Ruiter het overige deel van zijn artikel aan de gevolgen van het feit, dat men „door zich te veel te richten naar de techniek en naar het bedrijf, den mensch vergeten had.” „Wageningen,” schrijft hij, „leverde en levert nog steeds een belangrijk deel van de boerenleiders, althans voor zoover die in vele ambtelijke functies als de eigenlijke leiders kunnen worden beschouwd. lot nogtoe was de vorming van deze landbouwingenieurs (bedoeld wordt landbouwkundige ingenieurs H.R.) gericht, zooals we zooeven schetsten: kennis is macht; techniek; bedrijf.” Inderdaad, zoo was tot op heden de vrijwel algemeene opvatting, zoowel in wetenschappelijke- als in praktische landbouwkringen. Dat zij niet anders kon zijn, ligt voor de hand als men bedenkt dat in alle lagen der Maatschappij deze opvatting heerschte. Het volk wist niet beter of alleen de verhooging en verzorging van de wetenschappelijke en technische kennis kon leiden tot het zoozeer begeerde geluk. Doch de tijden veranderen en met deze de opvattingen van den mensch. Wij hebben slechts om ons heen te zien om dat te kunnen vaststellen. Overal inde wereld ontwaakt het verlangen om naast kennis, ook de cultureele waarden tot haar recht te doen komen. In zeer sterke mate merken wij dat op bij onze Oostelijke naburen de Duitschers, wier duidelijk streven om den boerenstand ook geestelijk-cultureel te verheffen, de noodige aandacht verdient. Het zou mij te ver voeren er op te wijzen langs welke wegen men dit doel tracht te bereiken ; wie daar belang in stelt kan ik het werkje Deutsche Heimatwerk seine Geschichte und seine Aufgabe van Friedrich Rehm zeer ter lezing aanbevelen, dat uitgegeven is door de vereeniging „Deutsches Heimatwerk” te Düsseldorf, Hindenburgwall 42. Het schijnt mij toe, dat ook wij thans wat meer aandacht moeten

620